P2P economie – Jean Lievens over “P2P als prototype van een nieuwe productiewijze en economie

In het kader van de digitale week organiseerden stad Kortrijk en ESF project OWAES op 30/4/2015 een studienamiddag rond digitale peer-to-peer economie in The Level te Kortrijk.

In een half uurtje de geschiedenis van de menselijke ontwikkeling, de verschillende productiviteitsrevoluties en de transitie naar een nieuw economisch systeem uitleggen, bleek misschien wel wat hoog gegrepen, maar ondanks enige vermoeidheid na een drukke werkweek heb ik toch genoten van deze interessante namiddag over de nieuwe P2P – economie, en was ik vereerd er als laatste het woord te mogen voeren. Omdat ik wist dat de meeste deelnemers er al een lange dag op hadden zitten, heb ik wat grapjes ingelast, waarbij de een al wat beter lukte dan de ander… Met dank aan Geert Hofman.

Jean Lievens

Hierbij ook nog het korte debat achteraf

1265088_10151993633841951_8097442409625131837_o

Lezing: Is alles van iedereen?

georganiseerd door sp.a

Wanneer? 28 mei 2015 om 20:00

Waar? De Studio
Maarschalk Gerardstraat 4, 2000, Antwerpen

Wereldwijd staat de Belg Michel Bauwens bekend als de pleitbezorger van een nieuwe economie waarin evenwaardige deelnemers samen werken aan gemeenschappelijke welvaart. De oprichter van de Foundation for Peer to Peer Alternatives daagt daarmee niet enkel het kapitalisme uit, maar evenzeer het klassieke socialistische antwoord daarop.

Steeds meer jonge mensen gaan aan de slag in de deeleconomie of in microbedrijven en werken via crowdsourcing en open source. De digitale revolutie doet nieuwe vormen van solidariteit ontstaan. Bauwens ziet daarin een nieuwe, progressieve, sociale beweging ontstaan.

Programma

20.00u Inleiding door Kathleen Van Brempt, Europees parlementslid sp.a

20.10u Lezing door Michel Bauwens, oprichter van de Foundation for Peer to Peer Alternatives, mede-stichter van de Commons Strategies Group, die conferenties organiseert rond the commons, en auteur van ‘De Wereld Redden’.

21.10u Vragenronde

21.30u Receptie

Interesse? Reserveer dan nu je gratis tickets voor de lezing van Michel Bauwens.

11143151_1598197647064657_2671892422829190478_n

Studie- en netwerkdag: 8 profielen van digitale inclusie – Digitale peer-to-peer economie

(foto: Jean Lievens, met dank aan Zeitgeist Belgium)

Op deze studie- en netwerkdag bieden we studenten en iedereen uit het werkveld een boeiend programma aan:
8 profielen van digitale inclusie – voormiddag, 9u30-12u
Stof tot nadenken voor de ontwikkeling en promotie van digitale dienstverlening.

Ilse Mariën is als onderzoekster aan de slag bij iMinds, een onderzoekscentrum verbonden aan de Vrije Universiteit Brussel en actief op het gebied van digitale media en e-inclusie. Ilse Mariën onderzocht de invloed van het opleidingsniveau, sociaal netwerk, toegang tot computers en internet, computer vaardigheden… op de deelname aan de digitale wereld.
Op basis van haar onder zoek kwam ze tot 8 profielen van digitale inclusie. Deze profielen bieden een rijke bron aan informatie voor het ontwikkelen en bijsturen van e-inclusie initiatieven en het e -inclusie beleid. Ook voor het ontwikkelen en promoten van digitale dienstverlening bieden deze profielen belangrijke inzichten. Deze voormiddag is opgevat als een interactieve workshop. Ilse vertaalt haar opgedane kennis naar aanbevelingen voor lokale projecten en het lokale beleid. Daarnaast kijkt ze uit naar de input vanuit de praktijkervaringen van de aanwezigen.

Digitale peer-to-peer economie
Digitaal voor elkaar

Fenomenen als Uber, AirBNB en Bitcoin zijn niet meer weg te denken uit het nieuws. Via digitale middelen leveren we rechtstreeks diensten aan elkaar, zonder tussenpersoon. Er is enkel een machine met een stuk software die ergens in de wereld zonder commentaar de verbindingen legt die we nodig hebben. We omschrijven dit als digitale peer-to-peer economie. Mensen, organisaties en bedrijven vinden elkaar rechtstreeks in hun dienstverlening en maken dingen voor elkaar mogelijk die vroeger zonder een groot bureaucratisch
apparaat onmogelijk waren. Dat houdt vele beloftes in maar ook grote risico’s.
Enkele interessante sprekers en video’s lichten dit ruimere thema toe. Vervolgens demonstreren we lokale initiatieven rond delen, werken en leren. Daarna volgt een open debat waarin we het thema en de projecten bespreken en analyseren.

Het programma voor de namiddag ziet er als volgt uit:

– P2P: kadering in een economische context – Thomas Rooselaer – Researcher, consultan
– Freecycling: afval als grondstof en bindmiddel – Steven Vanden Broucke & Jaron Fontaine – Claimd
– Gedeelde mobiliteit – Angelo Meuleman – Taxistop
– OWAES: een oase voor talent – Geert Hofman – Howest, OWAES
– mokka.coop : gemeenschapsvorming op het web en in het echte leven – Geert De Vuyst mokka.coop
– Geld in een P2P perspectief – Hans Luyten – Maker
– P2P als prototype van een nieuwe productiewijze en een toekomstige economie – Jean Lievens – P2P Foundation
– Slotdebat: Digitale P2P economie: illusie, toekomst of dreiging?

Programma:
9u–9u30: ontvangst met koffie
9u30–12u.: digitale inclusie, Ilse Mariën
12u–13u30.: netwerkmoment met broodjeslunch
13u30–16u30: digitale peer-to-peer economie

Prijs – Extra Info: volledige dag: € 10 (incl. broodjeslunch) | studenten gratis voormiddag: € 10 (incl. broodjeslunch) | studenten gratis namiddag: € 5 | studenten gratis

Reservatie: Reserveren is verplicht

Reserveren – Extra Info: 1777 (gratis nummer) of via de website

dak2

Labo voor een andere wereld: De Broeikas

De Broeikas wil een laboratorium zijn voor een andere wereld. Een wereld waarin het hart klopt op een duurzame manier. In the picture staan sociaal-groene experimenten. Experimenteren is zoeken, leren door vallen en opstaan. De Broeikas zal dus een ruimte zijn waar nieuwe coalities welkom zijn. Jonge kiemen, gewaagde ideeën. Projecten die niet altijd de nodige ademruimte krijgen in onze snelle samenleving. Tegenstrooms willen we dan ook varen. Om zo te komen tot vertraging, verstilling en verdieping. Essentiële stapstenen in de weg naar die andere wereld toe.

Een hele waaier aan activiteiten vonden reeds plaats onder ons dak. Concertjes, creakampjes voor kinderen omtrent grafiek en textiel, kampeerweken voor vrienden en buurtbewoners, kampvuurkringen, voetbalwedstrijden op groot scherm, rondleidingen rond ecologisch verbouwen, opendeurdagen rond samenhuizen,… En binnenkort ook thuisplatform voor het Neervelpse voedselteam dat hier in de lente van start gaat. Vanalles wat, en toch te vatten onder 1 gemeenschappelijke noemer!

Het doel is om met een ploeg van 20 mensen toe te werken naar ‘t Broeiweekend. Dat is een campagneweekend dat doorgaat op zaterdag 26 september 2015 en zondag 27 september 2015. Wil je graag een bijdrage leveren dan kan dit simpelweg door een schenking te doen via het rekeningnummer van ‘De Broeikas’ BE88 7450 5594 6841, BIC-code KREDBEBB, met de vermelding ‘steun oprichting’.

Meer informatie vind je hier

Schermafbeelding 2014-04-07 om 21.44.40

Een eerste reactie op Dominique Willaert

In De Wereld Morgen , in Zeronaut en op deze blog (een paar artikels naar beneden scrollen) verscheen een artikel van Dominique Willaert met zeer interessante kritiek op de P2P-economie.

Helaas zijn er enkele misvattingen in geslopen, die ik hierbij wil rechtzetten. Alvorens meer uitgebreid te antwoorden op de tekst van Dominique, wil ik hem om te beginnen toch enkele vragen stellen:

1) kan Dominique één citaat geven waarin Michel Bauwens of ikzelf beweren dat we tegen de welvaartsstaat zijn?

2) En kan hij de bewering dat wij vinden dat een regulerende overheid niet langer noodzakelijk is aantonen met feiten?

Er staan nog andere beweringen in die onze visie niet of verstoord weergeven, maar ik wil me hier beperken tot een eerste reactie.

Basisinkomen

1) In ons boek “De Wereld Redden” wordt bijzonder weinig aandacht geschonken aan het basisinkomen, een punt dat verschillende keren naar voor werd gebracht door critici. Welnu, dat is juist, maar het boek gaat daar niet over, en daarom heb ik er ook geen verdere vragen over gesteld (ter herinnering: het boek is een lang interview dat ik had met Michel Bauwens, verspreid over twaalf Skype-gesprekken). Het boek gaat in essentie over de ontwikkeling van een nieuwe productiewijze (uiteraard binnen het kapitalisme), dat echter (nog) niet op eigen poten kan staan. Om dat te verwezenlijken, hebben we een hele reeks concrete voorstellen en werken we samen met organisaties die in de praktijk aan de weg timmeren, zoals de Open Coöperatieve van Catalonië.

2) Zowel Michel als ikzelf hebben twijfels geuit over de haalbaarheid van het basisinkomen. We pleiten voor een transitie-inkomen voor mensen die bijdragen tot de gemeengoedeconomie, dit als overgangsmaatregel. Nochtans wordt in het hele artikel van Dominique Willaert de P2P economie en het basisinkomen in één zak gestopt.

Religie?

3) We zijn geen “believers” in de P2P economie: ze bestaat en ontwikkelt zich aan een razend tempo. We zijn dus “vaststellers”.

4) Over die ontwikkelingen staan meer dan 20.000 artikels in de wiki van de P2P Foundation. Het bestuderen van al die ontwikkelingen kan je dan ook niet bestempelen als een “geloof”. Bovendien geven we nergens een blauwdruk van de toekomstige P2P-economie. In ons boek “De Wereld Redden” schetst Michel Bauwens vier ontwikkelingen (en daaraan gekoppelde toekomstscenario’s), waarbij wij de kant kiezen van de P2P-initiatieven met een sociaal doel, zowel lokaal als mondiaal. Deze bestuderen we niet alleen, maar propageren we ook. Tegelijk bekritiseren we de winstgerichte initiatieven zoals Uber en Airbnb, met name omdat deze netarchische kapitalistische bedrijven sociale verworvenheden op de helling zetten. We houden dus wel degelijk rekening met de klassennatuur van de samenleving en ontkennen nergens sociale strijd. We proberen zo wetenschappelijk mogelijk te werk te gaan, kortom, het tegenovergestelde van een religie.

Post-kapitalisme

5) De baseline van “De Wereld Redden” is “met P2P naar een postkapitalistische samenleving.” De zin “Het debat rond P2P-economie en het basisinkomen moet gekoppeld worden aan de vraag of we het vanuit een post-kapitalistisch perspectief durven voeren”. Sta me toe dit een bijzonder vreemde opmerking te vinden.

6) Zowel in het boek als in lezingen tonen we ons fervente tegenstanders van de Nederlandse participatiesamenleving of de Big Society. Dus nee, dat is niet hoe we de P2P-economie zien.

7) Onze stelling is dat we evolueren van een kapitalistische economie gebaseerd op Arbeid en Kapitaal en een daarbij horende arbeidsverdeling naar een P2P economie gebaseerd op de commons en een daarbij horende vrije taakverdeling. Binnen het huidige kapitalistische kader heeft deze tendens bijzonder destructieve kanten, zoals de Ubers en Mechanical Turks van deze wereld overduidelijk laten zien. Hoe we een inkomen kunnen verwerven uit deze activiteiten (en de commonseconomie onafhankelijk kunnen maken van het kapitalisme, net zoals de kapitalisten destijds hun economie wilden bevrijden van het feodale juk), is inderdaad een cruciale kwestie. We hebben daar voorstellen over, zoals de oprichting van open, solidaire coöperatieven en de vorming van een coalitie van ethische bedrijven rond de commons (coöperatieven, fairtradeorganisaties, ngo’s, non-profits, sociale ondernemers)… Voor meer uitleg verwijs ik naar een recent interview met Michel Bauwens in de OBS (weliswaar in het Frans)

Voor de rest stelt Dominique heel wat pertinente en interessante vragen, ook vragen waarop het onmogelijk is om vandaag al een antwoord te geven, tenzij hij een blauwdruk verwacht van een toekomstige P2P-maatschappij op wereldvlak. Welnu, die hebben we niet, hoewel we toch al een idee kunnen hebben op basis van bestaande praktijken op microschaal over hoe zo’n wereld er zou kunnen uitzien. Dat is meer dan Karl Marx destijds kon doen (niet dat we ons aan hem willen meten, maar alleen om te zeggen dat je van ons niet meer mag verwachten dan van Marx destijds). Marx heeft heel veel over het kapitalisme en de arbeidersklasse geschreven, maar nauwelijks iets over hoe de toekomstige socialistische maatschappij er zou (moeten) uitzien (behalve in vage algemeenheden en enkele utopische frasen over het communisme als ‘laatste stadium’ in de menselijke ontwikkeling)…

De sociaal-democratische massapartijen die de basis hebben gelegd voor de welvaartsstaat zijn pas na zijn dood van de grond gekomen overigens, maar dat is een ander verhaal…

1febb69

De Peer-to-peer economie leidt niet noodzakelijk tot meer inclusie op de arbeidsmarkt maar werkt de atomisering en deregulering ervan in de hand waardoor sociale bescherming bemoeilijkt wordt.

De P2P werkgroep binnen De Toekomstfabriek organiseerde samen met Victoria Deluxe in Gent een denkdag op donderdag 12 maart onder leiding van Michel Bauwens en Francine Mestrum.

De bedoeling van deze denkdag was om rond een vijftal stellingen te werken, gecentreerd rond de P2P-economie en aanverwante thema’s (bv. het onvoorwaardelijk basisinkomen).

We publiceren hier de stelling van Herman Peeters

STELLING: De Peer-to-peer economie leidt niet noodzakelijk tot meer inclusie op de arbeidsmarkt maar werkt de atomisering en deregulering ervan in de hand waardoor sociale bescherming bemoeilijkt wordt.

Afbakening:
Ik ga hier vooral in op het spanningsveld van de for-profit-/for-benefit as in het assenstelsel in het boek “De Wereld Redden”.
De stelling werk ik uit aan de hand van de arbeidsmarktpositie van de kenniswerker en de tegenstelling tussen de taxichauffeur en de Uberchauffeur.

1. Hoe bedient een werknemer zich van de arbeids- en inkomensverhogende mogelijkheden die het P2P-gemeengoed op de markt biedt?
Niet iedereen bedient zich even goed van de meerwaarden die uit een P2P-applicatie. (vb Uber) Zij die goed in de arbeidsmarkt ingebed zitten bedienen zich er beter van dan zij die in een precairder positie verkeren. De Uber-chauffeur blijkt een kenniswerker die goed geïntegreerd is op de arbeidsmarkt. Op basis van dit gegeven leidt de P2P-praktijk in de open accessomgeving tot uitsluiting i.p.v. insluiting.

2. Het mimetische karakter van de P2P-productie
P2P-werkers zitten in een geatomiseerde arbeidsmarkt vol gelijken in een zeer rivaliserende dynamiek. In het mimetische spanningsveld tracht de mens zich daarom van zijn gelijke te onderscheiden door zich te beroepen op vlijt en eigen verdienste.
Dit kan op verschillende manieren in een P2P-omgeving: Eén: investering in zijn menselijk kapitaal en het verhogen van zijn credits. Twee: Trachten zelf een netarchisch kapitalist te worden door een platform voor kennis-en informatieuitwisseling te stichten. Hiervoor kan hij putten uit de onuitputtelijke bron van gedeelde kennis die voor alle anderen even toegankelijk is.

3. Kenmerken van de arbeidsmarktpositie van de peer-to-peerwerker en de gevolgen voor zijn bescherming
De positie van P2P-werker is geïndividualiseerd in een gedereguleerde arbeidsmarkt met minimale bescherming. In een P2P-arbeidsomgeving wordt arbeid bekeken als ‘menselijk kapitaal’.
In de open-access omgeving is de houding (van een kenniswerker) t.a.v. het omgaan met (inkomens)bescherming een stuk ambigu: De kenniswerkers staan als individuen op de markt (die weinig of verkeerd gereguleerd is). Ze zijn afhankelijk van de open beschikbaarheid van kennis als hulpbron waaraan zij vrij bijdragen en naar goeddunken kunnen uit putten en die zij bijgevolg open willen houden. Daarnaast worden zijn constant verleid in te grijpen in de gedeelde hulpbron door hun kennisproduct te beschermen (d.i. schaars maken b.v. via auteursrecht), om een stabiel inkomen te kunnen bekomen.

4. Hoe komen we hier uit? (voer voor de discussie)
Verschillende pistes:
1. Activisme voor regulering.
2. Zelforganisatie van P2P-werkers. (moet de hand naar de ‘oude’ werknemersbeweging gereikt worden?)
3. Organiseren van het alternatief P2P-landschap, t.t.z. Het zelf in handen proberen nemen van de internetplatforms of het beschermen van het gemeengoed via licenties.
4. Onafhankelijk worden van een inkomen uit de hulpbron (via basisinkomen)
De strijd is politiek.

dominique-willaert-is-cordinator-van-victoria-deluxe-quotwij-komen-er-zelf-ongeschon

Dominique Willaert: De zwakke elementen van de P2P-economie

De P2P werkgroep binnen De Toekomstfabriek organiseerde samen met Victoria Deluxe in Gent een denkdag op donderdag 12 maart onder leiding van Michel Bauwens en Francine Mestrum.

De bedoeling van deze denkdag was om rond een vijftal stellingen te werken, gecentreerd rond de P2P-economie en aanverwante thema’s (bv. het onvoorwaardelijk basisinkomen).

We publiceren hier de stelling van Dominique Willaert

Met veel interesse probeer ik de ontwikkelingen van de P2P economie te volgen.
Telkens ik teksten en interviews lees (en het boek ‘De wereld redden’) valt mij het enorm uitdagende karakter op van de P2P – maar ik kan me niet van de indruk ont-doen dat een aantal cruciale thema’s telkens een stuk uit de weg worden gegaan. Mij intrigeert vooral de vraag waarom dit zo is. In discussies die op de sociale media worden gevoerd over één van die thema’s – met name het basisinkomen – valt op dat wie in het basisinkomen gelooft dit niet zelden op een heel onvoorwaardelijke ma-nier doet. Wie vragen of opmerkingen m.b.t. het basisinkomen durft te formuleren wordt niet zelden weggezet als reactionair of tegendraads. Het onvoorwaardelijke geloof in het basisinkomen neemt naar mijn aanvoelen soms een soort religieuze vorm aan. Of: het neemt de vorm aan van een utopie aan en wie erin gelooft reageert geprikkeld op elke vorm van kritiek of bevraging. Omgekeerd is het echter ook zo dat wie sceptisch staat t.a.v. het basisinkomen dit soms weinig of niet on-derbouwt met argumenten. De denkdag die we op 12 maart organiseren is bedoeld om de wij/zij opstelling inzake P2P economie en basisinkomen op te heffen en te vervangen door een verdiepende dialoog.

In de stelling die ik wil ontwikkelen, wil ik graag enkele stappen uitwerken.

1. In de bespreking van de ontwikkeling van de P2P economie is één van de zwakke elementen dat er te weinig wordt gesproken over welk inkomen mensen uit deze nieuwe arbeid zullen/kunnen halen. Zelf denk ik dat de P2P economie zich in sneltreinvaart zal ontwikkelen en niet alleen binnen het terrein van kenniswerk(ers). Ook binnen andere werkdomeinen zal de P2P economie zich ontvouwen. Via nieuwe technologische toepassingen zal de P2P economie ook ingang vinden in de zorg-, onderwijs-, vormingssector. Meer en meer goederen EN diensten zullen binnen een P2P logica worden ontwikkeld. Dit maakt dat de arbeid en arbeidsorganisatie zich fundamenteel zal wijzigen. Dit zal ongetwijfeld een ingrijpende impact hebben op hoe de arbeidsvoorwaarden worden onderhandeld, verdedigd, bewaakt en over wie er beslist welke waarde er wordt ontwikkeld en naar wie de meerwaarde zal opeisen die binnen een P2P economie zal worden geproduceerd.

Waar een groot deel van de P2P economie zich misschien nu nog in de vrije tijd van mensen afspeelt, zal dit snel doorschuiven naar de reguliere arbeid. Mensen zullen benieuwd zijn en vragen naar welk soort inkomen ze uit hun (nieuwe) arbeid zullen halen. De kans bestaat dat in het begin veel mensen bereid zullen zijn om ‘onder’ een bepaalde prijs te zullen werken, omdat ze op die manier met hun nieuwe netwerken een plek zullen kunnen veroveren binnen ‘de markt’. Ik gebruik bewust het woord ‘markt’ omdat ik er hoegenaamd niet van overtuigd ben dat de P2P economie automatisch zal resulteren in een postkapitalistische samenleving. Dit zal enkel het geval zijn wanneer er een diepgaand debat + strijd wordt gevoerd rond hoe we de arbeid zullen waarderen (en koppelen aan een onderhandeld en gegarandeerd inkomen) + wanneer de meerwaarde in de toekomst niet langer in handen van een kleine elite zal terecht komen of blijven.

Mij lijkt het logisch dat mensen die arbeid verrichten binnen een P2P netwerk een inkomen kunnen halen uit die arbeid. Een inkomen dat onderhandeld kan worden en dat door middel van een reeks bindende afspraken kan gegarandeerd worden. De technologische evoluties doen vermoeden dat arbeidsduurvermindering eigenlijk al lang een politiek en economisch feit zou moeten zijn. Een volle werkweek zal uit 25 of 30 uur/week kunnen bestaan en voor de geleverde arbeid moet een volwaardig inkomen kunnen gegarandeerd worden. Voorstanders van een basisinkomen verge-ten soms dat geld (en een inkomen) nooit uit het niets ontstaat. Een inkomen is meestal het resultaat van waarde die gecreëerd wordt en een reeks politieke en economische besluiten die tot herverdelingsmechanismen leiden. Een deel van de waarde wordt omgezet in loon, een ander deel wordt omgezet in ‘kapitaal’. Kapitaal die de voorbije decennia steeds vaker in een soort speculatieve en virtuele economie terecht kwam en niet langer in de reële economie. O.a. Picketty leert ons dat het inkomen dat uit arbeid werd gehaald de voorbije decennia significant gedaald is t.o.v. het inkomen die een kleine elite uit kapitaal heeft kunnen halen.

Wanneer je mensen (en het liefst op mondiale schaal) een basisinkomen wil garan-deren moet je durven benoemen dat dit een strijd impliceert om een groot deel van ‘het ontsnapte’ kapitaal terug te halen, terug in handen te krijgen en dit geld (deze waarde) inzet te maken van een debat over hoe je deze middelen zal besteden/herverdelen. Je kan inkomen garanderen voor wie arbeid presteert en je kan ook in de toekomst vervangingsinkomens garanderen voor wie tijdelijk geen arbeid presteert. Bepaalde vormen van arbeid kun je ook fundamenteel hoger en beter ver-lonen dan wat nu het geval is. Handenarbeid, het uitvoeren van lastig en vuil werk kun je opwaarderen door hier een hoger inkomen aan te verbinden. Ouders die kie-zen om voor hun kinderen zorgen kun je een hoog inkomen garanderen omdat we dit als maatschappelijke arbeid beschouwen en willen waarderen.

En als uitsmijter: om mensen wereldwijd van een (basis) minimuminkomen te voor-zien kan er misschien een mondiale beweging ontstaan die eist dat extreme rijkdom (enkelingen die over gigantisch veel privaat eigendom/middelen beschikken) deze middelen terug naar de gemeenschap moeten laten vloeien. Noem het een geweld-loze en democratisch verworven actiemiddelen om extreme ongelijkheid onwettelijk te maken. Kan zo’n mondiale beweging eisen dat kapitaal niet wordt opgepot maar telkens terug wordt geïnvesteerd in verantwoorde economische activiteiten?

Vraag: op welke manier willen we binnen een P2P economie de maatschappelijke, ecologische, economische arbeid waarderen. Doen wit met een onderhandeld inko-men, kiezen we voor een basisinkomen? Naar wie gaat de (meer)waarde die binnen een P2P economie wordt gecreëerd?

2. Een tweede cruciaal thema die moet worden uitgediept is de vraag wie er binnen de P2P economie verantwoordelijk wordt voor de noodzakelijke reguleringen. Het is immers een illusie om te denken dat de diverse P2P netwerken op basis van zelf-organisatie en horizontale besluitvormingsprocessen vat kunnen krijgen op prijssetting, inkomensgarantie, respecteren van arbeidsafspraken,…
Het kapitalisme doet het net heel goed omdat het aansluit op wat door sociaal psy-chologen en sociologen wordt omschreven in de distinctietheorie (Weber – Bourdieu). Mensen willen zich onophoudelijk van elkaar onderscheiden. De P2P econo-mie zal leiden tot een nieuwe habitus voor veel mensen (= een plek waar mensen zich thuis voelen en waar ze veel gemeenschappelijk hebben met elkaar), maar pa-rallel zullen mensen zoeken hoe ze zich zullen kunnen onderscheiden van elkaar. Eén van de wijzen waarop dit zich willen van elkaar onderscheiden, zal manifeste-ren zal ook in de toekomst gesitueerd zijn binnen de arbeidswereld. In de wijze waarop we creëren, produceren zullen we ons willen onderscheiden van elkaar en in de verwachtingen die we ontwikkelen op vlak van de (zelf)waardering en verloning van onze arbeid. Vreemd genoeg wordt er binnen de P2P-beweging zelden tot nooit stil gestaan bij de factor ‘macht’. De machtsmechanismen die vandaag hegemonisch zijn gestructureerd zullen niet zo maar verdwijnen. Er zal slimme en duurzame en volhardende strijd nodig zijn om de macht te her veroveren. Eén van de meest uit-dagende perspectieven is dat binnen de P2P economie het onderscheid tussen werkgever en werknemer zich misschien wel fundamenteel kan wijzigen. Peer2Peer netwerken kunnen erin slagen om arbeidsprocessen en de wijze waarop de productie wordt georganiseerd terug te veroveren op anonieme, onzichtbare aandeelhouders. Zelf geloof ik dat er binnen een P2P economisch model de kans ontstaat dat de arbeiders veel sterker de productieprocessen bepalen en terug in handen krijgen. Er kan dus een veel sterkere economische democratie ontstaan. Het onderscheid tussen arbeiders en bedienden zal/kan vervagen en wie arbeid ver-richt kan zichzelf deels als werknemer maar ook deels als werkgever gaan be-schouwen. Het syndicalisme zal dus zich op compleet andere en nieuwe manieren moeten ontwikkelen en niet langer gebaseerd op de oorspronkelijke arbeidsdeling en de ontwikkeling van de naoorlogse welvaartsstaat. Vakbonden zetten zich nu heel sterk in op wie er nog werkt (en op het behoud van koopkracht), terwijl de mensen die geen werk (meer) vinden, of de mensen die zich willen onttrekken aan de kapitalistische economie eigenlijk weinig syndicale aandacht en zorg ervaren.

De vraag blijft wel: een P2P economie zal zich niet binnen een machtsvrije econo-mische en maatschappelijke ruimte ontwikkelen. Een auto die via een 3D-printer in Europa wordt geproduceerd zal niet noodzakelijk dezelfde prijs kosten als diezelfde auto (dus op dezelfde manier geproduceerd) in Brazilië wordt geproduceerd. Zullen arbeidsvoorwaarden, inkomens, prijzen, kwaliteitsgaranties op het niveau van de natiestaten worden geregeld of kun je hopen op mondiale reguleringsmechanis-men? Kunnen de huidige instellingen (WHO, IMF, …) binnen een P2P economie vervangen worden door nieuwe instellingen die op fundamenteel nieuwe manieren tot reguleringsafspraken komen (en dit omzetten in wetten die onderwerp van juri-dische bescherming kunnen worden?).

Vraag: op welke niveaus en schalen willen we dat er politieke en economische + ecologische reguleringsmechanismen worden ontwikkeld. Wat we als overheid of staat beschouwen hoeven we niet als iets vijandigs of beperkends te beschouwen maar als een veruitwendiging van democratische controle. Uiteraard hoeft dit geen kopie van onze parlementaire democratie te zijn. Er kunnen arbeids- en controleor-ganen worden ontwikkeld die een sterk bottom up karakter vertonen. Maar hoe sterk vinden we deze controle, regulering en bescherming noodzakelijk? Of denken we werkelijk dat de P2P economie en masse bevrijdde individuen en burgers zal voortbrengen die in staat zijn tot zelfregulering?

3. In de bespreking van de P2P economie en het basisinkomen wordt er tot nu niet doorgedacht over welke vorm van sociale bescherming en sociale zekerheid we bin-nen dit soort economie willen ontwikkelen. De sociale zekerheid zoals die in het Westen werd ontwikkeld, is een stelsel van solidariteit dat grotendeels voor een groot stuk door de werknemers wordt ontwikkeld. Een flink deel van het loon vloeit naar de overheid die deze middelen herverdeelt binnen het stelsel van de sociale zekerheid. Het zijn mensen die arbeid verrichten die voor een groot deel verantwoordelijk zijn voor dit soort solidariteit. Kapitaalsbezitters dragen hier ook toe bij, maar in veel mindere mate en de voorbije jaren is het aandeel dat uit arbeid komt significant groter geworden dan het deel dat uit kapitaal komt + laat ons niet verge-ten dat kapitaal heel dikwijls niets anders is dan rijkdom die door arbeid wordt voortgebracht en via accumulatie en het zich toe-eigenen van de meerwaarde als ‘kapitaal’ wordt beschouwd.

Een vreemde paradox is dat op vandaag van alle volwassenen wordt verwacht dat ze ‘werken’ en werkgevers vragen voortdurend om de loonkosten te dalen. Vreemd genoeg wordt het begrip loonkost door werkgevers bijna systematisch vervangen door loonlast. Het loon die werknemers voor hun arbeid ontvangen kunnen we toch nooit als last beschouwen. Terwijl een flink deel van het loon eigenlijk wordt ingezet om de sociale zekerheid te financieren en dus te waarborgen. Lonen die hoog genoeg liggen zijn dus een goede zaak wanneer we een kwaliteitsvolle sociale be-scherming willen organiseren.

Hoe zullen we binnen een Peer2Peer economie inzetten op de ontwikkeling van so-ciale bescherming? Verwachten we dat een deel van de sociale bescherming onder-ling tussen mensen (in lokale gemeenschappen) wordt georganiseerd? En leunt dit aan bij de participatiesamenleving die in Nederland al model vindt en ook stilaan opgang maakt in Vlaanderen? Of kiezen we voor een nog steeds door een overheid georganiseerd stelsel dat wordt gefinancierd door werknemers en diegenen die zich een groot deel van de meerwaarde toe-eigenen? Zal er sprake zijn van een nieuwe sociale kwestie? In het naoorlogse model werd van de werkgevers verwacht dat ze voor een quasi volledige tewerkstelling zouden zorgen. Van de overheid werd ver-wacht dat ze voor een opvangnet zouden zorgen in tijden van uitzonderingssituatie.
Vreemd genoeg staat vandaag ‘niet werken’ zo goed als synoniem van beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt’ ook al zijn er te weinig beschikbare jobs.

Qua arbeidsvolume en beschikbare jobs ziet het er naar uit dat het arbeidsvolume in de toekomst alleen maar kan en zal dalen. Daalt dan ook de (meer)waarde uit de verrichte arbeid? Uit welke andere bronnen kunnen we ‘rijkdom’ halen die tot her-verdeling kan leiden? Tot nu wordt de massawerkloosheid echter sterk misbruikt door middel van het drukken van de lonen. En het pleidooi om vervangingsinkom-sten te verlagen om op die manier mensen aan het werk te krijgen, is eigenlijk niet meer of minder dan een vorm van ontmanteling van de sociale zekerheid zoals deze tussen 1960 en 1990 werd ontwikkeld.

Vraag: Kan er binnen een P2P economie een fundamentele arbeidsherverdeling worden ontwikkeld zonder dat dit tot de ontmanteling van de sociale zekerheid leidt? Kunnen er loopbanen worden ontwikkeld die verbonden worden met een uni-verseel tijdskredietstelsel waarbij vormen van maatschappelijke en ecologische zorg mee onderdeel van dergelijke loopbaan worden? Beschouwen we het ontwikkelen van sociale bescherming als een volwaardig onderdeel van onze ‘economie’ waardoor we de uitgaven die we binnen het stelsel van sociale bescherming doen als in-vesteringen beschouwen? En: kan een P2P economie inzetten op het ontwikkelen van sociale bescherming op een zo universeel mogelijke schaal, tussen vanuit een mondiaal perspectief, zodat het imperialisme en oorlogen als onderdeel van het ka-pitalisme kunnen vervangen worden door vredesdividenden?

image_1

De P2P werkgroep binnen De Toekomstfabriek organiseerde samen met Victoria Deluxe in Gent een denkdag op donderdag 12 maart onder leiding van Michel Bauwens en Francine Mestrum.

De bedoeling van deze denkdag was om rond een vijftal stellingen te werken, gecentreerd rond de P2P-economie en aanverwante thema’s (bv. het onvoorwaardelijk basisinkomen).

We publiceren hier de stelling van Fred Louckx

Michel Bauwens en zijn P2P Foundation hebben in de voorbije jaren terecht gewezen op het maatschappelijk belang van peer-to-peer productie. Hun werk past ongetwijfeld binnen de uitgangspunten van De Toekomstfabriek, met name het ontwikkelen van een laboratoriumfunctie rond allerlei maatschappelijke vraagstukken, met de bedoeling onze toekomstige samenleving vanuit een collectief emancipatorisch proces vorm te geven.

Anderhalve eeuw nadat Marx in 1858 in zijn beroemde machine-passage van de Grundrisse wees op het maatschappelijk potentieel van de General Intellect , is P2P als een vorm van kennis-, code- en designproductie werkelijkheid geworden. Deze P2P initiatieven openen perspectieven voor de ontwikkeling van commons-georiënteerde productie-activiteiten in de schoot van de huidige kapitalistische verhoudingen. Dit zou – volgens Michel Bauwens –een belangrijke stap zijn in de richting van een postkapitalistische samenleving. Alhoewel we het belang van deze P2P initiatieven zeker niet willen onderschatten, lijkt deze ambitie ons toch wel te hoog gegrepen.

Deze overschatte verwachtingen zijn wellicht toe te schrijven aan een aantal factoren:

1. De rudimentaire analytische onderbouwing van de historische en economische context waarbinnen P2P wordt gesitueerd ( zie bijvoorbeeld pagina’s 23-25, 45 en 92 van De Wereld Redden ).

2. Het angstvallig vermijden van het meerwaarde- en klassenbegrip, waardoor economische uitbuiting grotendeels buiten beeld blijft.

3. Het overmatig benadrukken van de rol van motivatie i.p.v. positie t.o.v. productiemiddelen, waardoor men tot ‘merkwaardige’ uitspraken over het kapitalisme komt ( bijvoorbeeld pagina 28: ‘In het kapitalisme werken mensen samen uit vrije wil. Er is geen onderdrukking nodig ‘ )

4. De sterke bibliografische oriëntatie op ‘managerial’ literatuur, gekoppeld aan een ogenschijnlijke smetvrees voor auteurs uit de meer radicaal linkse hoek ( we denken hier onder meer aan Negri, Virno en De Angelis ), die nochtans zeer lezenswaardige teksten hebben geproduceerd over de commons als emancipatorische potentia .

5. Het ontbreken van een grondige politieke analyse die verder gaat dan enkele simplistische uitspraken over revolutie ( pagina 85: ‘Willen we echt doorheen de ervaring van de Franse of Russische Revolutie waarbij miljoenen slachtoffers zijn gevallen ? Ik denk dat we een dergelijk scenario moeten vermijden als we dat kunnen’ ), coalities ( p. 107: ‘piratenpartij, groenen, nieuwe linkse partijen en sociale liberalen’ ) of de staat ( p. 119: ‘de partnerstaat’ ).

6. De vaststelling dat de commons zich in de visie van Michel Bauwens niet kunnen reproduceren zonder financiële steun van kapitalistische bedrijven ( dat geldt ook voor de Peer Production License, waarin het begrip wederkerigheid wordt geïntroduceerd ) ; het alternatief van een basisinkomen om deze vicieuze cirkel te doorbreken wordt even aangehaald ( pagina 77 ), maar niet uitgewerkt.

Betekent dit alles nu dat we de P2P-beweging kunnen herleiden tot de zoveelste rage (na het altermondialisme, de transitiebeweging enz.)? Helemaal niet. P2P en het commons-denken hebben wel degelijk het potentieel om een collectief emancipatorisch proces mee vorm te geven. Alleen moeten we erkennen dat het denken over P2P vandaag zijn prototype -fase nog niet is ontgroeid.

francine

Francine Mestrum: Sociale bescherming fundamenteel hervormen en beschouwen als sociale ‘commons’

De P2P werkgroep binnen De Toekomstfabriek organiseerde samen met Victoria Deluxe in Gent een denkdag op donderdag 12 maart onder leiding van Michel Bauwens en Francine Mestrum.

De bedoeling van deze denkdag was om rond een vijftal stellingen te werken, gecentreerd rond de P2P-economie en aanverwante thema’s (bv. het onvoorwaardelijk basisinkomen).

We publiceren hier de stelling van Francine Mestrum

De wereld verandert zeer snel. Voortdurend worden nieuwe en ‘structurele’ hervormingen voorgesteld en uitgevoerd, helaas uitsluitend op voorstel van neoliberale of conservatieve krachten. Onze verzorgingsstaat staat zwaar onder druk.

De linkerzijde is tot nog toe grotendeels afwezig in het debat over de toekomst. De vakbonden zijn in het defensief gedrukt en verdedigen nog enkel een status quo. Er wordt getwijfeld aan hun innovatief vermogen. De enige nieuwe en vernieuwende voorstellen komen van de transitiebeweging. Ze slaan vooral op lokale initiatieven en zogenaamd ‘kleine revoluties’. Ze gaan vooral uit van een ecologische bezorgdheid en het sociale ontbreekt zeer vaak. Zo komen we tot een situatie waarin alleen nog sprake is van ‘burgerkracht’ en ‘basisinkomen’.

P2P productie zou een beter alternatief kunnen zijn in die mate dat het locaal en translocaal werkt. Sommigen zien er een kiem van een sociale revolutie in. Voorlopig ontbreekt echter nog de maatschappelijke en politieke dimensie. Er is twijfel over de vraag of het ooit meer kan worden dan een subsysteem van het kapitalisme, gebaseerd op vrijwilligerswerk.

Mijn tegenvoorstel bestaat erin te vertrekken van de sociale bescherming en die fundamenteel te hervormen en in haar geheel te beschouwen als sociale ‘commons’. Als zo’n idee grondig wordt uitgewerkt kan je niet anders dan ook het economische systeem (bijvoorbeeld met P2P, maar ook andere mogelijkheden) en het politieke systeem (democratisering) grondig hervormen.

Sociale commons zijn belangrijk voor zowel de materiële als de immateriële behoeften van mensen en samenlevingen, gebaseerd op een sociale zekerheid die de collectieve solidariteit organiseert en die de machtsverhouding tussen arbeid en kapitaal sterk heeft veranderd in het verleden. Vandaag voldoet dit systeem niet langer, maar in plaats van het af te bouwen kan het beter hervormd, verbreed en versterkt worden.

Bauwens-bio2

De nieuwe welvaartstaat is een partner staat: van welfare naar commonfare

De P2P werkgroep binnen De Toekomstfabriek organiseerde samen met Victoria Deluxe in Gent een denkdag op donderdag 12 maart onder leiding van Michel Bauwens en Francine Mestrum.

De bedoeling van deze denkdag was om rond een vijftal stellingen te werken, gecentreerd rond de P2P-economie en aanverwante thema’s (bv. het onvoorwaardelijk basisinkomen).

We publiceren hier de stelling van Michel Bauwens

Uitleg: de oude welvaartstaat, gebaseerd op de kracht van de arbeidsbeweging staat niet alleen onder druk, maar wordt actief afgebouwd, en de onderliggende reden is de structurele zwakheid van de klassieke arbeidersklasse in de Westerse omgeving en de bewuste de-industrialisering onder het neoliberale regime.

De nieuwe welvaartstaat kan er alleen komen door ons te baseren op de nieuwe vormen van arbeid, die meer en meer ontsnappen aan het salariaat. Vandaar de noodzakelijke aandacht voor freelancers, het precariaat en diegenen die een nieuwe netwerk-samenleving opbouwen met de bijbehorende solidariteitsmechanismen.

Net zoals de oude welvaartsmechanismen gebaseerd waren op een veralgemening van de arbeidssolidariteit, zal de nieuwe ‘commonfare’ zich moeten baseren op de peer-to-peer-solidariteit en de nieuwe commons.

Dit vergt een respect voor de centrale rol van de productieve civiele maatschappij, voor de ondersteuning van nieuwe vormen van zelfstandig maar genetwerkt ondernemerschap (de sociale ondernemers zijn het nieuwe proletariaat!), en voor een nieuwe vorm van staat, die de juiste infrastructuren opbouwt voor individuele en sociale autonomie.

Dit alles moet gekoppeld worden aan een nieuwe industrialisering van Europa, gebaseerd op het peer-to-peer-model: “Wat licht is, is globaal, wat zwaar is, is lokaal’. Dit laatste is een conditio sine qua non om de “meerwaarde” ook binnen Europa te houden.