P2P Foundation

Onderzoeken, schrijven en promoten van peer to peer praktijken




  • Abonneren



  • Voorbeeld

  • Laatste comments

    • Bas Reus: Lijkt me zeker een mooie aanvulling op het professionele aanbod. Zoals maandag terecht werd opgemerkt, de...
    • Bas Reus: Welkom aan boord Martien!
    • Michel Bauwens: Kris, dit is zeker geen antwoord op je belangrijke vragen, slechts enkele pistes: dit hier gaat over...
  • Laatste trackbacks

    • Anonymous: C.K. Prahalad over nieuwe business modellen, co-creatie en de future of competition | MartinKloos.nl
    • P2P Foundation: Nabuur, een concreet voorbeeld van peer-to-peer helpen
    • P2P Foundation: Peer-to-peer investeerders vereniging Nederland
    • P2P Foundation: Nieuwe zakelijke modellen voor de transitieperiode
    • P2P Foundation: De nieuwe feodaliteit staat voor de deur
  • Laatste nieuws

  • - April 2007: Michel in Europa (NL,Spanje,Belgie en Frankrijk)

  • - December 2006: Portugal over "Polis implicatiies over de Commons".
  • - Verder seminaren: In Nederland met IFCCC, Experience Economy, Open Search Workshop, Telematica Instituut Enschede.
  • - In Belgie en Frankrijk bij Université de Technologie de Compiègne, Maison des Sciences Economiques en Americanse Universiteit van Parijs.
  • - Michel Bauwens introduceert P2P meme bij Immaterial Labour Conferencie, Cambridge Universiteit


  • De schrijvers

  • Archive for the 'UvA' Category

    Masters of Intervention met Michel Bauwens (14 april 2008, 20.00, Felix Meritis, Amsterdam)

    9th April 2008

    masters-of-intervention-14-april.jpgOp maandag 14 april zal Michel Bauwens van de Foundation for P2P Alternatives een bezoek brengen aan Amsterdam in het kader van de serie Masters of Intervention.

    Masters of Intervention is het publieke gedeelte van de UvA-module ‘ Maakbaarheid in de Grote Stad’, waarin vier interdisciplinaire studententeams actief en op locatie intervenieren in vier probleemcasussen die door de Gemeente Amsterdam zijn aangedragen.

    Michel Bauwens zal vanaf 20.00 in gesprek gaan met Chris Keulemans onder de titel The New Media Deal.

    Op verzoek van Michel Bauwens nodigen wij u hierbij van harte uit om hierbij aanwezig te zijn!

    Graag reserveren via: maakbaarheid@partizanpublik.nl

    Meer informatie:

    Posted in UvA, Bauwens, lezing, nieuwe media | No Comments »

    New Network Theory conferentie, 28-30 juni

    27th June 2007

    network culturesVan 28 tot 30 juni is er de ‘New Netork Theory Conference’ in Amsterdam. Het wordt onder Andre georganiseerd door het Institute of Network Cultures.

    In vergelijking tot virtuele gemeenschappen of cummunities, worden netwerk communities steeds belangrijker. Deze conferentie gaat vooral in op de verschillen hierin en de gevolgen, geredeneerd vanuit het media perspectief. De netwerk cultuur heeft een taal voor nieuwe media nodig, zo stelt de introductie. Welke specifieke bijdragen kunnen geleerden maken om de netwerk gedachte vanuit dit media perspectief te bekijken.

    Locatie: Universiteit van Amsterdam, Oudemanhuispoort 4-6, kamer D0.08 en Turfdraagsterpad 9, kamers 0.04 en 0.13. Hier staat het gehele programma beschreven, in het Engels.

    Posted in p2p cultuur, UvA, lezing, nieuwe media | No Comments »

    Presence and the Design of Trust

    29th May 2007

    Presence and the Design of TrustDit is het begin van de Nederlandse samenvatting van de dissertatie van Caroline Nevejan: Presence and the Design of Trust, Universiteit van Amsterdam, 2007. De volledige Nederlandse samenvatting staat in de wiki. Klik hier voor de site van Caroline Nevejan.

    Sociale systemen zoals onderwijs, gezondheidszorg, bedrijfsleven en het recht, zien zich voor grote opgaven gesteld omdat het design van presence in sociale interactie (het ontwerp van aanwezigheid/tegenwoordigheid in communicatieprocessen) verandert onder invloed van informatie– en communicatietechnologie. De snelheid en omvang van het verzamelen van gegevens en de analyse en het gebruik van deze gegevens die mogelijk wordt gemaakt door informatie en communicatietechnologie, vereist een nieuwe omschrijving van een aantal fundamentele begrippen in samenlevingen zoals eigendom, copyright, privacy, autonomie, aansprakelijkheid en verantwoordelijkheid. Mijn onderzoeksvraag veronderstelt dat presence een verschijnsel is dat veel beter dient te worden begrepen dan tot nog toe het geval was.

    De titel van deze dissertatie “Presence and the Design of Trust” (aanwezigheid/ tegenwoordigheid en het ontwerpen van vertrouwen) reflecteert zowel de inspiratie als het resultaat van mijn onderzoek. Ik heb mij in dit onderzoek geconcentreerd op het design van presence en de vraag die ik mij heb gesteld is de volgende: “Hoe kan presence worden ontworpen in omgevingen waar technologie een cruciale rol speelt?”. Ik argumenteer dat presence een verschijnsel is dat wordt beïnvloed door technologie en dat sociale structuren die afhankelijk zijn van presence dientengevolge door technologie worden beïnvloed. Een van mijn belangrijkste bevindingen is dat in sociale interactie het design van presence nauw samenhangt met het ontwerp van vertrouwen (trust). Deze studie zal niet al te uitvoerig ingaan op het begrip trust zelf, maar zal het verband aantonen tussen het ontwerp van presence en het ontwerp van trust.

    In dit onderzoek wordt presence begrepen als een verschijnsel dat deel uitmaakt van menselijke interactie. Het karakter van het samenzijn met een ander, op een bepaalde plaats, op een bepaald tijdstip en in een bepaalde handeling, is aan verandering onderhevig als gevolg van de ontwikkeling van technologieën die communicatie doorgeven, versnellen, faciliteren en controleren. De brede waaier aan bestaande informatie– en communicatietechnologieën die presence doorgeven, maakt het mogelijk dat wordt gehandeld, gecommuniceerd en waargenomen op van elkaar verwijderde momenten en plaatsen. Dit onderzoek richt zich niet op de mediabedrijfstak als zodanig en de manier waarop deze opereert, maar op sociale interactie vanuit het perspectief van de individuele mens.

    In de loop van mijn onderzoek bleek dat ik het begrip trust moest operationaliseren vanuit het pragmatische en normatieve perspectief van de individuele mens. Ik heb daarom de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, zoals aangenomen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 10 december 1948, als uitgangspunt gekozen. Alhoewel het universele karakter van de Verklaring al sinds 1948 onderwerp is van debat en meningsverschillen, heeft de tekst als enig bestaand seculier, normatief document al meer dan vijftig jaar als referentiepunt gefungeerd voor de kwaliteit van bestaan van mensen over de hele wereld. De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens is onderdeel van het internationale politieke discours als mechanisme ter bescherming van de menselijke waardigheid. Tevens is het een instrument dat mensen helpt zich bewust te zijn van hun grondrechten en de mogelijkheid om voor die grondrechten te vechten en hun lijden onder de aandacht te brengen. Daarom heb ik de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens als het essentiële normatieve uitgangspunt gekozen voor de kwaliteit van sociale interactie, voor de mogelijke opbouw of afbraak van vertrouwen tussen mensen in sociale interactie.

    Informatie– en communicatietechnologieën hebben een duidelijke invloed op de realisatie van mensenrechten (Hamelink, 2000). Ik stel mij op het standpunt dat trust, vertrouwen, alleen kan ontstaan indien de mensenrechten worden gerespecteerd. Het gegeven dat mensen willen overleven en hun welzijn willen waarborgen zal van wezenlijk belang blijken voor de opbouw van mijn argumentatie in dit onderzoek.

    Lees verder…

    Posted in UvA, trust, Nevejan | No Comments »

    Interview Vasilis Kostakis, vraag 3

    16th May 2007

    Vandaag deel drie (zie ook vraag 1 en vraag 2) in de serie vragen van Vasilis aan Michel. Vasilis is inmiddels een blog gestart waar hij de voortgang van zijn onderzoek en thesis zal tonen. Zijn onderzoek gaat over “Laser theory and Peer-to-Peer: Redefinition of the Society in the Information Age”, zie ook de P2P wiki.

    Volgens Murray Bookchin, zijn de vier belangrijkste principes van traditionele Anarchie:

    • Een verbonden gemeenschap bestaande uit verschillende kleinere gedecentraliseerde gemeenschappen;
    • Een directe democratie en bestuur;
    • Een stabiele oppositie naar bureaucratie en corruptie (cratisisme) problemen;
    • Een vrije communistische samenleving.

    Gelooft u dat Peer-to-peer in zijn politieke betekenis meer gemeen heeft met traditionele anarchie, dan met communisme of kapitalisme, die beiden een centrale autoriteit nastreven?

    Murray BookchinAntwoord: Eerst een algemene opmerking. Gelijkheidsidealen zijn zowel eeuwigdurend als gebonden aan geschiedenis. Het idee achter iedereen behandelen als een gelijke (peer), is duidelijk gerelateerd aan andere en eerdere pogingen en formuleringen. Maar aan de andere kant is peer-to-peer iets nieuws.
    Allereerst, I beschouw Marxisme en anarchisme and expressies uit de geschiedenis vanuit het gelijkheidsideaal in het industriële tijdperk. Peer-to-peer is een van de uitingen van dit ideaal voor het “cognitieve tijdperk”.

    Mijn eigen bijdragen om een theorie van sociale verandering te formuleren, begon vanuit niets, omdat het nog niet geformuleerd was. Uiteraard start niemand geheel vanuit niets, maar wat ik bedoel is dat ik wilde beginnen vanuit observaties of werkelijke trends, en niet vanuit een ideaal zoals het zou moeten zien. Het is dus niet een abstracte utopie dat als doel heeft te beschrijven hoe het zou moeten zijn, met een ontwerp voor sociale verandering op grote schaal, maar eerder een ‘concrete utopie’, dat initiatieven beschrijft in verschillende aspecten van het leven, maar dat als doelstelling heeft om mensen met elkaar te verbinden zodat ze elkaar kunnen versterken en van elkaar kunnen leren.

    Marxisme en anarchisme zijn beiden vormen van paradigmatisch denken, ik zie de peer-to-peer theorie als een poging naar meta-paradigmatisch denken. Dit betekent dat je ideeën en praktijken neemt waar ze ook vandaan komen, zoals vanuit verschillende concurrerende paradigma’s, deze te integreren terwijl je bezig bent, zonder een a priori bias. Op deze manier kan peer-to-peer een gemeenschappelijke basis vinden tussen de idealen van sommigen die van vrijheid houden aan de ene kant maar ook van diegenen die van gelijkheid houden aan de andere kant. Ik heb geen a priori houvast vanuit liberale of Christelijke tradities of wat dan ook.

    Marxisme en anarchisme zijn ook sterk tegengesteld. Dit komt deels door het historische overwicht van kapitalisme, en hun behoefte om een alternatief te formuleren. Maar vandaag weten we dat kapitalisme, als een systeem van oneindige groei binnen een eindige omgeving, op zijn einde loopt. Veel spelers in het systeem weten en realiseren dit, en vandaar zien we pogingen om sociale praktijken binnen of buiten het systeem te creëren of te veranderen, als zo’n systeem überhaupt bestaat. Peer-to-peer theorie stelt simpelweg dat er strijdige, wereld-constructieve en hervormings dan wel revolutionaire nieuwe praktijken, zowel strijdig als niet-strijdig, en het is vanuit zichzelf pluralistisch. Het geeft toe dat niemand precies weet hoe de wereld gaat veranderen, maar dat diegene die het eens zijn over het doel, op zijn minst ervaringen kunnen delen. Nog belangrijker, peer-to-peer is niet de ‘oplossing’ voor iets, maar juist een verzameling sociale processen die beter zijn om oplossingen te vinden in verschillende domeinen.

    De meeste vormen van Marxisme en anarchisme zijn sterk tegengesteld aan de markt. We weten nu dat we het idee kunnen scheiden van de markt vanuit de praktijk van kapitalisme, en dat we kunnen gaan voor een stabiele staat economie (we plaatsen terug wat we uit het systeem/aarde halen), en dat een markt voor schaarse fysieke goederen kan bestaan naast andere manieren van produceren, zoals peer-to-peer productie van immateriële goederen en sociale innovatie. Peer-to-peer is niet anti-kapitalistisch, maar post-kapitalistisch.

    Anarchisme kiest ervoor om zijn vijandigheid te focussen op de staat, en mijn eigen conceptie van peer-to-peer deelt deze a priori vijandigheid jegens de staat niet. Het gelooft dat zowel de markt als de staat zich kunnen evolueren door peer arbitrage/beoordeling.

    Peer-to-peer deelt zeker niet een exclusieve oriëntatie naar de staat, en oplossingen voor de staat, zoals duidelijk gemaakt door de gemiddelde socialistische en Marxistische tradities. Maar starten vanuit wat er nu bestaat, kan het natuurlijk een staatvorm prefereren welke herdistribueert van de rijken naar de armen (sociale zekerheid), van een systeem welke herdistribueert van de armen naar de rijken (neoliberale staat). Maar het is meer gefocust op het gebruiken van de staatvorm om de directe sociale productie van waarde mogelijk te maken en te ondersteunen, te ‘empoweren’, en op de staat te transformeren door systematisch ‘multi-stakeholderschap’ van bestuur (governance) te introduceren, inclusief een ieder die betrokken is bij beslissingen; en het ziet vele mogelijkheden voor het samen creëren van beleid tussen burgers en de staat, terwijl het ook voorspelt dat de staat geleidelijk zijn centrale positie kwijtraakt, omdat steeds meer menselijke gemeenschappen (communities) direct kiezen via peer governance.

    Ik ben geïnteresseerd in het herformuleren van tradities, zowel premodern als modern, zodat ze passen binnen het cognitieve tijdperk; en zolang ze tot doel hebben om de waardigheid van het menselijke bestaan te versterken, en het mogelijk maken van authentieke peer-to-peer dynamieken, kunnen ze omarmd worden en uitgebreid in een integratief peer-to-peer theorie.

    Concluderend: het is duidelijk dat peer-to-peer een aantal idealen nastreeft, zoals uitgedrukt door Murray Bookchin, maar ik hoop dat de lezer al de verschillende ruimten waar de theorie vandaan komt kan waarderen.

    Posted in P2P politics, P2P theorie, p2p cultuur, UvA, Bauwens, laser theorie, Kostakis, Bookchin | No Comments »

    Interview Vasilis Kostakis, vraag 2

    12th May 2007

    VraagEerder heb ik de eerste vraag van Vasilis Kostakis die hij aan Michel Bauwens stelde geplaatst, gevolgd door het antwoord van Michel. Vandaag vraag twee van de serie vragen. UvA student economie en bedrijfskunde Vasilis Kostakis, en ook een lid van de P2P Foundation, schrijft zijn thesis over “Laser theory and Peer-to-Peer: Redefinition of the Society in the Information Age”. Het onderzoek is een combinatie van Vasilis over Laser Theorie en de P2P theorie van Michel Bauwens.

    Vraag 2: Wat is de betekenis van het woord “dictatuur” in uw uitdrukking “…Peer projecten worden soms welwillende dictaturen genoemd…”? (afgeleid van “De politieke economy van peer productie”, gevonden op http://www.ctheory.net/articles.aspx?id=499)

    Antwoord: Als je peer productie definieert als deze soort van sociale productie wat is gebaseerd op vrije betrokkenheid, deelnemen aan besturingsprocessen, en gedistribueerde uitkomsten in een gezamenlijk (commons) formaat, dan is het duidelijk dat de leiderschapsfunctie nogal veranderd. Een vorm van macht ligt in het protocol of het ontwerp van het samenwerkingsproces, de ‘niet zichtbare architecturen’ die bepaalde manieren van sociaal gedrag stimuleren of omvatten. Bijvoorbeeld, YouTube staat alleen het delen van de gehele video toe, maar niet remixen. Een andere vorm van macht is reputatie, wat afhangt van individuen eigen verdienste, zijn rol in de groep, en de rol van het project in de samenleving. Peer governance is niet hiërarchisch of gecentraliseerd, en ook niet gedecentraliseerd of democratisch, maar is juist gebaseerd op directie participatie en samen beslissingen maken in kleine groepen, waar peer productie functioneert als een globale coördinatie van kleine teams. Elk team dat klein genoeg is om te werken op basis van consensus. Het is niet democratisch in de formele ‘representatieve’ zin, omdat er geen onderhandeling plaats vind tussen vertegenwoordigers van groepen, die moeten beslissen over schaarse middelen, maar de vrije gedistribueerde productie wordt samengebracht door gedistribueerde gemeenschappelijke bevestiging. Het belangrijkste is echter, beginnende vanaf een context van overschot dan wel distributie, peer productie en peer bestuur (governance) is een manier om elke soort van obstakels te vermijden. Het is ontworpen op permanent experimenteren toe te staan, en dat pas te beoordelen nadat ze zijn geproduceerd.

    Voorheen schreef ik over hoe de p2p dynamiek instituties omver werpt, maar nu zou ik het anders zeggen. Elke sociale manier van produceren, zeker nieuwe manieren, moeten zichzelf reproduceren, en hiervoor hebben ze inderdaad institutionele structuren nodig. Bijvoorbeeld, in termen van peer productie zouden ze 1) collectieve keuze systemen moeten gebruiken die zijn gebaseerd op objectieve algoritmen (denk aan Google ‘doublepage ranking’) of gemeenschappelijk bevestigde beoordelingssystemen, die tot doel hebben om de samenstelling van vaste elite groepen te voorkomen; 2) ze vormen, uiteindelijk, processen om conflicten op te lossen (denk aan de steeds uitbreidende regels binnen Wikipedia), en 3) legale innovaties als GPL (General Public License) en CC (Creative Commons) licenties, die het gemeenschappelijke beschermen tegen private toe-eigening; 4) verschillende maatregelen tegen kaping; en 5) uiteindelijk, een institutioneel raamwerk om de technologische infrastructuur te beschermen (meestal non-profit instellingen als Mozilla, Apache en anderen); 6) ze mogen een gesteunde ecologie accepteren van ofwel het bedrijfsleven als de staat, zolang als ze zich niet bemoeien met de dynamiek van de gemeenschap.

    Sommige structuren kunnen natuurlijk volledig ad hoc zijn, maar omdat ze niet hun sociale reproductie veiligstellen, zullen deze echt ad hoc zijn, op de korte termijn zijn het slechts individuen die samenwerken of delen voor een korte periode.

    Nu kom ik terug op het punt van leiderschap. Omdat er geen hiërarchie is om middelen toe te wijzen, geen democratische onderhandeling, wat de rol is van ‘leiders’. Het mes snijdt aan twee kanten, de ene kant is a priori en op uitnodiging. Ze moeten op de eerste plaats de mogelijkheid hebben om een visie neer te zetten dat ‘peers’ aantrekt om te produceren. Denk aan Stallman die zegt dat we gratis software nodig hebben, Torvalds die zegt dat we een alternatief besturingssysteem nodig hebben, Wales en Sanger die zeggen dat we een universele encyclopedie nodig hebben. Maar de rol van hen is er ook een van beoordeling, dat wil zeggen de a posteriori rol van een beoordelaar wanneer er onoplosbare conflicten bestaan. Als de teams het niet eens zijn welke richting op moet worden gegaan na een aantal tussenstappen, dan wordt het conflict doorgestuurd naar de ‘welwillende dictator’.

    Dit is een pragmatische oplossing, maar ook een slecht gekozen term omdat bij peer productie de leider onafhankelijk is van de producerende peers, en zijn beoordeling is alleen daar vanwege het vertrouwen van de gemeenschap. Dus in feite is het iets geheel anders dan een ‘dictatorschap’. Er is altijd een gevaar van informale processen, namelijk van niet zichtbare persoonlijke overheersing, waardoor de complexe projecten uiteindelijk kiezen voor meer formele, en soms ‘democratische’ (in termen van stemmen en representatie) procedures.

    Posted in P2P theorie, p2p commons, UvA, Bauwens, laser theorie, Kostakis | 1 Comment »

    Interview Vasilis Kostakis, vraag 1

    8th May 2007

    Deze post is een eerste in een reeks waarvan ik de lengte nog niet weet, waarschijnlijk vijf. UvA student economie en bedrijfskunde Vasilis Kostakis, en ook een lid van de P2P Foundation, schrijft zijn thesis over “Laser theory and Peer-to-Peer: Redefinition of the Society in the Information Age”. Het onderzoek is een combinatie van Vasilis over Laser Theorie en de P2P theorie van Michel Bauwens. Hierbij zijn eerste vraag van hem aan Michel:

    Vraag 1: Keynes stelt dat de ideeën van economen en politieke filosofen, als ze gelijk hebben of niet, krachtiger zijn dan algemeen aangenomen. De wereld wordt inderdaad geregeerd door weinig anders. Aan de andere kant stelt Galbraith dat ideeën pas krachtig zijn in een statische wereld, omdat ze eigenlijk conservatief zijn. Deze stellingen zijn al minimaal 45 jaar oud.

    Antwoord: Ik neig naar de kant van Keynes. Het gaat volgens mij om de ideeën, omdat we wezens met bedoelingen zijn, en onze bedoelingen hebben een grote invloed op de wereld. Maar zoals Keynes het bedoeld, zijn het niet alleen die ideeën die de wereld regeren, maar die ideeën die het beste passen binnen de interesses van de mensen met macht, terwijl deze ideeën vaak niet juist zijn. Zulke informatie is waardeloos, omdat de meeste mensen het niet kan schelen of niet willen weten wat hun levensstijlen en positie in de wereld zou uitdagen. Maar dat betekent niet dat die mensen met ideeën die ontstaan van beter inzicht minder waard zijn. Steeds weer, bij de tijdelijk juiste keuze, wanneer in overeenstemming met diepere veranderingen in ontologie (manieren om te zijn), epistemologie (manieren om het te weten) en axiologie (waardeconstellaties), hebben ideeën getoond dat zij de wereld heftig kunnen veranderen en vormen. Nu is er opnieuw een dergelijke tijd en het peer paradigma is de constellatie van dergelijke ideeën die de wereld echt kunnen veranderen.

    Vasilis, bedankt voor het beschikbaar stellen van deze eerste vraag. Binnenkort vraag 2 van dit interview.

    Posted in P2P theorie, p2p subjectivity, UvA, Bauwens, laser theorie, Kostakis | 4 Comments »

    Verslag college Michel Bauwens UvA, 10 april 2007

    12th April 2007

    Logo uvaEerder deze week heb ik met een viertal oud studiegenoten een gastcollege van Michel Bauwens mogen bijwonen. Het is inmiddels de derde keer dat ik Michel zijn verhaal heb zien en horen vertellen, elke keer weer interessant.

    De hoofdpunten uit het college:

    • Introductie P2P;
    • Complexiteit en hiërarchie;
    • Web 2.0 en P2P;
    • P2P processen;
    • P2P en de markt;
    • P2P en politiek;

    Michel vertelde over de karakteristieken van peer-to-peer, en waarom peer-to-peer zo levensvatbaar is. Peer-to-peer is een relationele dynamiek, aanwezig in gedistribueerde netwerken. Steeds meer vertrouwen ‘peers’ op gelijkwaardige peers. Over het woord peer werd nog een goede vraag gesteld, wat is een goede vertaling van dit woord? Michel moest het antwoord schuldig blijven, het woord ‘gelijke’ komt nog het meest in de buurt maar dekte toch niet geheel de lading.

    De geschiedenis laat zien dat relaties tussen peers steeds complexer worden. Waar vroeger iedereen ondergeschikt was aan een leider, zijn relaties gaandeweg verder geëvolueerd. Via vroege beschavingen, de industriële revolutie, is er nu sprake van een ‘networked’ samenleving. Deze samenleving wordt mogelijk gemaakt door technische middelen als het Internet. Michel illustreerde nog een evolutie van hiërarchie: in het pre-moderne tijdperk gold ‘make die, and let live’, tot een reputatie samenleving in het P2P tijdperk.

    Het Internet evolueert ook steeds meer, nu spreekt men van ‘Web 2.0’, het Internet is een interactieve plaats geworden waar iedereen als gelijke kan participeren en produceren. De bekendste en succesvolste voorbeelden zijn Wikipedia en Linux. Web 2.0 maakt het principe ‘wisdom of crowds’ mogelijk. Daarnaast baseren Web 2.0 business modellen zich op de ‘attention economy’ (economie van de aandacht), wat de aandacht van mensen als een schaarste beschouwd door de snelle groei van informatie.

    Uiteraard kan het verhaal van de drie sociale P2P processen niet ontbreken. Peer productie, peer governance en peer property, zie ook de introducerende post. De karakteristieken van peer productie zijn gelijkwaardigheid, ‘anti-creditialism’ en zelf selectie. Iedereen kan meewerken aan een project zonder a priori beoordeeld te worden op de bijdrage, maar waarin met op basis van zelf selectie kan bijdragen. Ook kunnen de peers weten wat de doelstellingen van een project zijn, en kunnen tegelijkertijd weten wat andere peers aan het doen zijn. Peer governance kan gezien worden als een gedistribueerde manier van controleren, en peer property als een common eigendom. Onderstaande tabel geeft dit goed weer, concluderend kan P2P gezien worden als een derde manier van produceren, controleren en eigendom.

    P2P kan niet gezien worden als een vervanging van de huidige markt economie. P2P is sterk afhankelijk van de markt, maar tegelijkertijd is de markt ook afhankelijk van peer productie en sociale innovatie. Een goed voorbeeld is Linux en IBM, want IBM investeert sterk in de ontwikkeling van Linux. Zie ook onthecommons.org. De kern van de deze peer-to-peer processen is dat doelen en eigendom gelijk zijn, wat is gebaseerd op lidmaatschap en bijdragen.

    Het laatste thema van het college was politiek. Als voorbeeld werden de dilemma’s van ‘Web 2.0’ gebruikt: Wie is eigenaar van het platform? Is de infrastructuur gratis? Is het mogelijk om te delen? Wie is eigenaar van de content? Wat wordt er gedaan met inkomsten? Het laatste dilemma werd geïllustreerd met de inkomsten die door het gebruik van Firefox worden gegenereerd, want het uitbetalen aan mensen die bijdragen ondermijnt het P2P en commons principe. Een ander politiek vraagstuk is wat er gedaan moet worden met bestaande politieke modellen als copyrights. Moet je deze gewoon negeren, moet je alternatieve manieren gebruiken als Crerative Commons of GPL, of moet je de bestaande wetgeving aanpassen?

    Het college was voor mij en de mensen die ik heb gesproken opnieuw erg inspirerend, en ik hoop ook voor alle anderen. Iedereen die geïnteresseerd is geraakt, is dan ook van harte welkom om bij te dragen aan deze blog of de wiki.

    Posted in P2P politics, P2P theorie, p2p commons, UvA, Bauwens | 4 Comments »

    Peer2Peer en social software

    2nd April 2007

    Deze maand is het een jaar geleden sinds ik Michel Bauwens heb mogen horen spreken. Het was op de Universiteit van Amsterdam. Binnenkort (10 april, zie Knowledgecafe) kunnen we Michel weer horen spreken. Het verhaal van vorig jaar is mooi onder woorden gebracht door Martin Kloos, een oud-studiegenoot. Als voorproefje op 10 april hier nog eens zijn verslag van toen.

    Introductie en Definitie

    P2P wordt door Bauwens gedefinieerd als een bijzondere vorm van relationele dynamiek. Meer specifiek: “P2P is relationele dynamiek aan het werk in gedistribueerde netwerken. Het is een vorm van menselijke, op netwerk-gebaseerde organisatie welke is gebaseerd op de vrijwillige participatie van equipotente partners, betrokken in de productie van gemeenschappelijke resources, zonder de toevlucht tot monetaire compensatie als kern motiverende factor, en niet georganiseerd volgens hierarchische methoden van bevel en control” (Bauwens, 2005).

    Het fenomeen van P2P zien we op grote schaal aan het werk in de Open Source Community, waar duizenden enthousiaste mensen werken aan de ontwikkeling van een alternatief besturingssysteem of Webbrowser. We zien het in massale trajecten van kennisuitwisseling en collectief leren op het Internet (Blogs, Wikipedia) en, zoals Bauwens beargumenteerd, we zien het langzaam maar zeker doordringen binnen organisaties en politiek.

    Bauwens benadrukte expliciet het belang van de term gedistribueerd, omdat dit vaak wordt verward met gedecentraliseerd. Een voorbeeld moet het verschil duidelijk maken: Het netwerk van lijnvluchten in de luchtvaartindustrie in Amerika is een voorbeeld van een gedecentraliseerd netwerk. Wil je een vlucht maken van stad A naar stad B, dan kan dat niet altijd rechtstreeks. Vaak zul je een tussenstop moeten maken in stad C. Een gedistribueerd netwerk heeft dat nadeel niet. Tussen alle punten in het netwerk bestaat een rechtstreekse verbinding. De vlucht van punt A naar punt B is in dit geval dus wel mogelijk.

    Drie processen

    Bauwens beargumenteert dat er centraal drie processen zijn in Peer2Peer:

    • Peer production: wat betekent dat peers vrijwillig samenkomen om gezamenlijk iets te produceren. Dit kan zowel technologie zijn (denk aan de voorbeelden van open source) maar ook kennis (wikipedia). Belangrijk hierin is de vrijwiliige participatie, het ontbreken van een hierarchie. Kanttekening valt hierbij te maken dat peer production zich in het bijzonder goed leent voor information goods, omdat de marginale kosten (de kosten om één extra item te produceren) nagenoeg 0 zijn.
    • Peer governance: Peer governance is gericht op de manier waarop netwerken gemanaged worden. De tendens hier is voornamelijk gericht op minder hierarchie, meer inclusief en meer participatie.
    • Peer property: Het derde proces is gericht op het eigendom. Over eigendom wordt radicaal anders gedacht dan in traditionele organizaties. Waar in traditionele organizaties het delen van kennis vaak niet wordt gestimuleerd en een actie moet worden ondernomen om delen mogelijk te maken, is het in P2P juist het geval dat een actie moet worden ondernemen om niet te delen. Met andere woorden: standaard wordt alles gedeeld. Eigendom is vaak geen issue, omdat items gezamenlijk worden gecreerd. Hergebruik is toegestaan, mits op de juist wijze gerefereerd. De creative Commons licentie speelt hierin een belangrijke rol.

    4 manieren van Interactie

    In zijn betoog maakt Bauwens zich sterk voor het beschouwen van P2P als een vorm van communal shareholding in plaats van het te beschouwen van P2P als een vorm van een gift economy, zoals veel auteurs doen. Het verschil zit hem in het feit dat in een gift economy, iemand iets geeft, maar daar ook iets van soortgelijke voor terug verlangt. In een situatie van community shareholding, geeft iedereen alles wat hij kan geven en neemt wat hij nodig heeft. Dit is mogelijk, omdat het in het geval van P2P vaak draait om non-rival goods. In zijn betoog noemt Bauwens tevens authority ranking en market pricing als de overige vorm van interactie. Authority ranking is gebaseerd op het principe van autoriteit: je doet iets voor iemand als deze hoger in aanzien staat. Market pricing is kort beschouwd het traditionele principe van prijs, vraag en antwoord.

    Tegelijkertijd noemt Bauwens enkele tekortkomingen van de huidige markt, die in het systeem van P2P niet zouden bestaan. In de eerste plaats worden rival goods behandeld alsof ze non-rival goods zijn, waarbij de marginale kosten dus nul zijn. Een duidelijk beeld van dit punt heb ik niet kunnen krijgen, maar het betekent volgens Bauwens in ieder geval een overspannen markt. Daarnaast wordt bewust kunstmatige schaarste gecreerd om de prijs van producten op te krikken. Een voorbeeld dat hij noemde is dat in Afrika duizenden mensen sterven aan aids, omdat eigendomsrechten het mogelijk maken medicijnen te verkopen ver boven de kostprijs. In het beeld van P2P zijn eigendomsrechten natuurlijk uit den boze. In de traditionele wereld, hoewel, noodzakelijk…

    Karakteristieken van Peer2Peer

    Ik heb er hier en daar al kort over gesproken, maar P2P kan als volgt worden gekarakteriseerd:

    • Er heerst een vrijwillige hierarchie en leiderschap ontstaat vanuit de historie. Met andere woorden: pioniers op het gebied komen vanzelf boven drijven en zullen een voortrekkersrol vervullen.
    • Gebaseerd op competenties van mensen. Je participeert in datgene wat jouw aanspreekt en waar jij iets kan bijdragen. Je kan dus heel gericht jouw competenties ten behoeve van het P2P project inzetten. Je kwaliteiten worden dus ten volste benut.
    • Leiderschap is gedistribueerd en flexibel. De juiste mensen trekken de kar op het juiste moment. Dit leiderschap kan ook nog eens verspreid zijn over mensen of continenten.
    • Alles wordt gedeeld, behalve als je niet wilt delen
    • Deelname is vrijwillig en niet aan eisen gebonden (in het engels: anti-credentialism). Dit impliceert dat iedereen kan participeren.

    Redenen voor Peer2Peer

    Bauwens beschreef verschillende redenenen waarom P2P succesvol is en zou kunnen worden als nieuwe maatschappelijke vorm. In de eerste plaats stimuleert het de verspreiding van intellect, de verspreiding van vervaardiging en de verspreiding kapitaal (voorbeeld van P2P als bank: http://www.prosper.com/). Het vermindert de kosten van infrastructuren en het bevordert de innovatie, omdat iedereen zijn competenties kan inzetten en vrijwillig participeert.

    Toekomst Visie

    Tja, en hier kwam Bauwens toch een beetje in problemen. Hoewel een prachtig verhaal tot op heden (voor alle genoemde punten is wat te zeggen, maar is tegelijkertijd ook wat tegen in te brengen) moest hij zich toch het antwoord schuldig blijven hoe een dergelijke maatschappij zich staande zou houden, uitgaande van het principe van communal shareholding. Eerst werd het concept gepresenteerd als vervanger van de huidige materialistische maatschappij. Op dit punt echter, schetste Bauwens een beeld waarin beide maatschappij in harmonie met elkaar opereren. De P2P maatschappij vormt daarin een uitlaatklep om de materialistische maatschappij te ontvluchten. De laatste dient slechts om in je levensonderhoud te voorzien. We zien nu al dat bedrijven afhankelijk zijn van de P2P community en dit zal in de toekomst alleen maar toenemen. Bauwens’ visie is dat P2P uiteindelijk de dominante (of overheersende) maatschappij wordt (zie afbeelding).

    P2P society

    Relatie met Social Software

    P2P op deze manier beschouwd is mijns inziens nauw verwant met Social Software. Ik denk zelf dat de karakteristieken die aan P2P ten grondslag liggen, zoals vrijwillige participatie, het ontbreken van hierarchie, vrijwillige, op ervaring gebaseerd leiderschap, het openlijk delen van informatie de karaktistieken zijn die social software tot een succes maken. Kenmerkend in P2P zijn gedistribueerde netwerken, welke mijns inziens in social software ook worden gecreërd. Op eenvoudige wijze wordt informatie met informatie, informatie met gebruikers en gebruikers met gebruikers gekoppeld en alles is, mits in het netwerk opgenomen en de directe route bekend is, direct te benaderen. Hierdoor ontstaan sociale netwerken die passen binnen de definitie van P2P.

    Beschouwen we peer production in het licht van social software, dan kunnen we eveneens stellen dat op zowel blogs, wikis en social bookmarking diensten gezamenlijk wordt gewerkt om iets te creëren. Op een wiki is dat nog het meest duidelijk. Daar is een concreet eindresultaat, in de vorm van een wiki pagina zichtbaar. Op een blog wordt gezamenlijk iets gecreërd door posting en commenting. Hierdoor ontstaat discussie, of in termen van Wenger (1998) onderhandeling over betekenis, waaruit nieuwe betekenis wordt gecreërd. In een comment op de weblog van Tim Hoogenboom schreef ik al dat ik ditzelfde proces zie in Social bookmarking diensten. Voornamelijk wanneer deze diensten in een groep worden ingezet (de context waarbinnen ik opereer in mijn thesis), denk ik dat door het delen van links, tags en daarbij geplaatste meningen, betekenis kan worden gecreërd. Peer governance in termen van social software is vergelijkbaar met P2P, daar er mijns inziens in social software geen sprake is van een hierarchie. Het netwerk is zelf-regulerend. De kenmerken van peer production werken mijns inziens eveneens in social software. De creative common license wordt bijvoorbeeld veelvuldig gebruikt. Ook staat het delen van informatie centraal en wordt iedereen opgeroepen mee te werken om gezamenlijk iets (een betekenis bijvoorbeeld) te creëren. Dion Hinchcliffe is een goed voorbeeld van een blogger, die altijd zijn bezoekers oproept actief te participeren, door bij iedere post de volgende post te plaatsen: “Web 2.0 is about participation! Visitors are strongly encouraged to leave comments on Web 2.0 topics”

    Relatie met connectivism

    Beschouwen we het concept van P2P in termen van leren, komen we uit bij een relatief nieuwe stroming genaamd connectivism. In het connectivisme wordt leren beschouwd als “… een proces dat voorkomt in vage omgevingen van veranderende kernelementen, welke het individu niet geheel onder controle heeft. Leren kan buiten het individu (bijvoorbeeld in een organisatie of een database) berusten en is gericht op het verbinden van gespecialiseerde sets van informatie. De verbindingen die ons in staat stellen meer te leren zijn belangrijker dan onze huidige staat van kennen” (Siemens, 2004). De kern van het connectivisme ligt dus in de verbindingen tussen informatie, in plaats van de informatie zelf. Om binnen deze context te kunnen leren is het dus primair belangrijk een netwerk van kennis en informatie te creëeren en te onderhouden. dat je weet waar je informatie en kennis kan vergaren. Het uitgangspunt van het connectivism is het individu. Persoonlijke kennis is samengesteld uit een netwerk, welke wegvloeit in organisaties en instituties. Deze vloeien op hun beurt terug in het netwerk waarmee het individu continu in staat wordt gesteld meer te leren. Dit netwerk van informatie, kennis en leren kan beschouwd worden als een P2P netwerk. Interessante materie, maar hier zal ik verder niet teveel op ingaan, daar het connectivisme geen onderwerp van mijn scriptie is. Ik moet toch ergens een grens trekken :-) .

    Afsluiting

    Hoewel al met al een inspirerend verhaal, heeft het me toch niet helemaal weten te overtuigen. De materialistische, kapitalistische maatschappij die nu nog overheerst is daar debet aan. Ook Bauwens moest het antwoord schuldig blijven op de vraag hoe in een P2P soiety mensen in hun dagelijkse behoeften zouden kunnen voorzien. Hij heeft hier zo’n zijn ideeën over, beargumenteerde deze ideeën met de stelling dat de wereld in het verleden ook goed zonder geld kon. Maar de vraag is of dat in de huidige maatschappij nog een realistische gedachte is. Uiteindelijk is zijn droom dat de P2P society de dominante maatschappij wordt. Maar of dat een haalbare zaak is? Mijns inziens blijft er altijd een overgrote deel van de bevolking gedreven door macht, geld, succes en status, wat de slagingskansen van P2P drastisch ondermijnt.

    Posted in P2P theorie, p2p cultuur, UvA, Bauwens | 1 Comment »