P2P Foundation

Onderzoeken, schrijven en promoten van peer to peer praktijken




  • Abonneren



  • Voorbeeld

  • Laatste comments

    • Bas Reus: Lijkt me zeker een mooie aanvulling op het professionele aanbod. Zoals maandag terecht werd opgemerkt, de...
    • Bas Reus: Welkom aan boord Martien!
    • Michel Bauwens: Kris, dit is zeker geen antwoord op je belangrijke vragen, slechts enkele pistes: dit hier gaat over...
  • Laatste trackbacks

    • Anonymous: C.K. Prahalad over nieuwe business modellen, co-creatie en de future of competition | MartinKloos.nl
    • P2P Foundation: Nabuur, een concreet voorbeeld van peer-to-peer helpen
    • P2P Foundation: Peer-to-peer investeerders vereniging Nederland
    • P2P Foundation: Nieuwe zakelijke modellen voor de transitieperiode
    • P2P Foundation: De nieuwe feodaliteit staat voor de deur
  • Laatste nieuws

  • - April 2007: Michel in Europa (NL,Spanje,Belgie en Frankrijk)

  • - December 2006: Portugal over "Polis implicatiies over de Commons".
  • - Verder seminaren: In Nederland met IFCCC, Experience Economy, Open Search Workshop, Telematica Instituut Enschede.
  • - In Belgie en Frankrijk bij Université de Technologie de Compiègne, Maison des Sciences Economiques en Americanse Universiteit van Parijs.
  • - Michel Bauwens introduceert P2P meme bij Immaterial Labour Conferencie, Cambridge Universiteit


  • De schrijvers

  • Archive for the 'P2P theorie' Category

    P2P of een terugkeer in de wreedheid

    30th October 2007

    De volgende bijdrage komt van Vasilis Kostakis. Hij draagt bij op de Griekse P2P blog. Omdat hij in Nederland studeert, heeft hij deze ook in het Nederlands opgesteld.

    De peer productie en ‘peer property’ komen door de hiaten van de markteconomie tevoorschijn, metaforisch beschreven door lava die progressief de oude grond behandelt en tot nieuwe leidt. Marx had toen een passage in socialisme en, wanneer de productie genoeg is, tot de conclusie kwam dat communisme deze nieuwe grond zou zijn. Niemand voorspelde de ontdekking van een nieuwe vorm van communisme, namelijk ‘commonisme’ dat reeds bestaat in de immateriële sector van productie.

    Oscar Wilde zei “vooruitgang is de realisatie van een utopie” en bewegingen zoals dat van Wikipedia bewijzen dat niets niet onwaarschijnlijk is, of utopisch, wanneer collectieve wijsheid en verwezenlijking (en creatie) op democratische processen en praktijken gebaseerd is.

    De P2P beweging omvat een nieuwe vorm van sociale samenwerking en interactie die een katalytische rol hebben in de configuratie van nieuwe structuren in economieën en maatschappijen. De P2P praktijken komen te voorschijn als basis voor een nieuwe autonome en creatieve cultuur. Vanuit het oude dilemma “Socialisme of Wreedheid” dat door heel wat academici en niet academici is onderzocht en beoordeeld zoals door Cornelius Castoriadis en Rosa Luxemburg, is herdefiniëring noodzakelijk. Bauwens schetst daarom in “P2P and Human Evolution” een nieuwe definitie: “P2P of een terugkeer in de wreedheid”. Onze inspanning daarom is om onderzoek doen naar dit dilemma met als hoofddoel de projectie en plaats van peer praktijken aan te tonen, en dat de P2P beweging een beweging is die werkelijk een revolutie is die tot de maatschappij leidt die we werkelijk willen binnen de grenzen van de maatschappij die we voorbij willen streven.

    Posted in P2P theorie, p2p commons, wisdom of crowds, Bauwens, peer-to-peer | No Comments »

    De nieuwe feodaliteit staat voor de deur

    13th September 2007

    Michel Bauwens heeft zijn eerste artikel in het Nederlands in zeven jaar, voor zover hij het zich kan herinneren. Wij geloven dat dus, en deze telt waarschijnlijk niet. Het staat gepubliceerd op 6minutes op maandag 10 september. Hier een kopie.

    De slavernij als systeem was gebaseerd op een zeer directe uitbuiting van mensen zonder rechten, zonder familie, en werd gekenmerkt door een negatieve bevolkingsgroei, vooral in de omliggende gebieden. Het was tezelfdertijd relatief onproductief, maar een maximale meerwaarde kon hiervan gebruikt worden door de Romeinse heersers die toch een bloeiende cultuur konden uitbouwen. Hiervoor moest het Rijk constant groeien, om verse mensen-als-grondstoffen te vinden. Op een bepaald ogenblik wordt de prijs van zo’n extensie groter dan wat het bijbracht. Dan komt het systeem in crisis en wordt het eventueel door een ander rijk vervangen of overgenomen door de omliggende ‘barbaarse’ volkeren. Maar het kan dus alleen extensief, in de ruimte groeien, en niet in intensiteit, want je kunt nu eenmaal geen autonomie geven aan slaven.

    Van slaven tot lijfeigenen
    Maar dat is precies wat de nieuwe Germaanse invallers deden. De slaven werden bevrijd tot lijfeigenen, en de productie werd gelokaliseerd rond het domein. De feodaliteit was daardoor productiever, omdat lijfeigenen een vast gedeelte van hun productie konden houden, families konden stichten, en geen monetaire belasting moesten betalen. Het leven was dus beter voor de onderlaag, maar voor de nieuwe heersers was een relatief kleiner gedeelte van de meerwaarde aanwezig, en zeker in de eerste fase van de feodaliteit zien we daardoor een mindere cultuurontwikkeling.

    De droom van de intensieve groei
    Wat gebeurt er vandaag? Na de val van de socialistische-centralistische staten in 1989, heeft het huidige systeem zijn maximale reikwijdte bereikt. Er is geen niet-kapitalistische sfeer meer, of althans geen sfeer die niet onder de invloed ervan staat. Hoewel er nog zeker gebieden zijn die economisch ontwikkeld zouden kunnen worden, gebruikt de huishouding van het huidige systeem reeds ‘twee planeten’, en, willen China en India pariteit halen, dan zijn vier planeten nodig. De ecologische limiet is dus al overschreden, en we mogen niet alleen de globale verwarming verwachten, maar ook een einde aan goedkope energie en een groeiende schaarste aan grondstoffen. M.a.w. het wereldsysteem bereikt een limiet aan zijn ‘extensieve’ groei in de ruimte. De grote droom is uiteraard om die extensiviteit te vervangen door intensieve groei, met name in de immateriële sfeer van het kenniskapitalisme en de ‘ervaringseconomie’.

    Maar hier wringt nu het schoentje. De immateriële sfeer is immers gekenmerkt door zeer lage reproductiekosten, door een virtuele overvloed van immateriële goederen. Innovatie wordt sociaal, een kenmerk van het netwerk, en minder en minder een functie van interne R&D en individuele entrepreneurs. We zien het ontstaan van een nieuwe productiemethode, “peer production”, en van participatieve platformen (het Web 2.0 als “business model”) waar de waarde gecreëerd wordt door de gebruikers, wiens attentie als schaars goed verkocht wordt aan de adverteerders. Bedrijven passen meer en meer crowdsourcingen co-creatietoe.

    De nieuwe feodale productie
    Net zoals het einde van het Romeinse Rijk zien we een reconfiguratie van beide klassen. Kenniswerkers zijn nu autonomer en beschikken over hun eigen productiemiddelen, terwijl de intelligente delen van het kapitaal intellectueel eigendom verzaken om platformbouwers te worden. (In het Romeinse Rijk werden de slavenhouders de nieuwe feodale heersers, en de slaven werden lijfeigenen).

    Nog merkwaardiger is dat we net zoals in de feodaliteit een herlokalisatie van de productie kunnen verwachten. Niet alleen kennen de productiemiddelen een zelfde ontwikkeling als de computer, naar miniaturisatie (rapid manufacturing and tooling, desktop manufacturing, personal fabricators), maar gezien het komende einde aan goedkope energie en grondstoffen, worden de voordelen van globale productie relatief teniet gedaan.

    Accumulatie van immateriële waarde
    De verwachte combinatie is dus de volgende, niet de Kerk en het Domein, maar globale-lokale open design gemeenschappen (zoals het open source model van Linux), gecombineerd met lokale productie. Niet een ethiek en spiritualiteit die ondergeschikt is aan de macht, zoals in het Imperium, of een ethiek ten dienste van de winst, maar een maatschappij en macht, die net zoals in de feodaliteit, ondergeschikt is aan de ethiek en de spiritualiteit, in ons geval gedreven door de immateriële noden en de transparantie effecten van een digitale en participatieve samenleving.
    Een maatschappij ook, waarvan het zwaartepunt niet de materiele accumulatie is, dat kan gewoon niet langer, maar de accumulatie van immateriële waarde (wat ook het geval was in het feodale Christendom, en niet in het Imperium). Hoewel materiele productie natuurlijk blijft voortbestaan, is zij niet langer de kern van de samenleving (ook dat was het geval in de feodaliteit, waar de Kerk door giften een derde van de gronden beheerde, en een kwart van de mannelijke bevolking voltijds aan zijn spirituele vervolmaking werkte). De logica van de nieuwe samenleving zal dus gedreven worden niet door de schaarstelogica van de markt aan materiele goederen, maar door de ‘peer to peer logica’ van de immateriële sfeer.

    We staan nog maar aan het prille begin van die evolutie, maar ze lijkt wel onvermijdelijk.

    Er zijn natuurlijk ook wel fundamentele verschillen. De analogie met het feodalisme geldt vooral de vorm en de logica van een transitie van een extensieve ontwikkeling naar een intensieve ontwikkeling, die een verandering noodzaakt van de fundamentele logica van de samenleving.

    Het partnership principe
    Maar de nieuwe peer to peer samenleving is ook verschillend van de feodaliteit. Als de kernlogica van de immateriële ontwikkeling en accumulatie geld de “peer to peer” logica, die ‘non-reciprocal’ is, met name dus gebaseerd op vrijwillige bijdrage in productieve gemeenschappen, zonder directe wederkerigheid. Maar dat principe kan natuurlijk niet gelden in de sfeer van schaarse fysieke goederen. Daar is dus of wederkerigheid of ‘uitwisseling’ nodig, en kan de markt haar rol blijven spelen. Maar dan wel een markt die niet langer synoniem is met een systeem van eindeloze materiële groei, maar wel een markt die geïnformeerd is door het peer to peer principe. Deze evolutie is reeds aan de gang: fair trade, social entrepreneurship, blended value toepassingen, dit zijn allemaal marktvormen die rekening houden zowel met de natuurlijke grenzen aan de groei, als met het partnership principe.

    Uiteraard gaat zo’n fundamentele evolutie niet naadloos, en met name moeten we een fundamenteel probleem zien op te lossen, nl. een wederkerigheidsmechanisme van de monetaire sfeer van schaarse goederen, naar de sfeer van sociale innovatie. Peer productie creëert immense en exponentiele groei van de gebruikswaarde, maar de monetisering ervan groeit slechts lineair aan. Maar dit is voor een volgende bijdrage.

    Posted in P2P theorie, p2p cultuur, Bauwens, peer-to-peer | 1 Comment »

    Voordracht Michel Bauwens in Melbourne

    22nd August 2007

    Zoals jullie al via de mail hebben kunnen weten, Michel is laatst in Melbourne Australië geweest. Een van zijn speeches staat in zijn geheel op het web.

    Bron: Google Video

    Kris Roose heeft het volgende gemeld over de presentatie.

    “Je belicht niet alleen goed het fenomeen, maar ook de psychologische en motivationele context. Vermits ik het fenomeen zelf al lang bestudeer, ben ik een beetje op mijn honger blijven zitten bij je beschrijving op het einde, als je het hebt over de sociopolitieke en macro-economische implicaties van de beschreven tendens. Wat is bv. de volgende stap na de introductie van de geniale GPL?

    Ook onderstreep je m.i. een beetje te weinig de technisch faciliterende invloed van bepaalde uitvindingen, zoals internet, de pc, e.d. Hoe rijp onze cultuur ook reeds in de jaren 60 en 70 was voor het fenomeen, technisch kon het gewoon niet ontstaan. Ik denk daarom dat we de volgende sprong gaan maken als er weer iets nieuws technisch mogelijk wordt. Ik kan moeilijk voorspellen wat, maar ik denk dat we het moeten zoeken aan de kant van een intelligente tekstverwerker, d.w.z. een tool om te integreren. De fantastische technsiche mogelijkheden scheppen eerder een chaos. Hoewel het paperless office al decennia geleden voorspeld was, is er nog nooit zoveel papier bedrukt als tegenwoordig. Elke pc is een huisdrukkerij geworden. Een een Googlesearch die een miljoen “bruikbare” links oplevert, is bijna een karikatuur op zichzelf, hoewel de non-selectie van links wel zijn voordelen heeft natuurlijk.

    Maar zowel Wikipedia als, helaas, Citizendium begaan beiden de fout dat ze, ter vrijwaring van de objectiviteit en de ‘wetenschappelijkheid’, alleen artikels toelaten over gevestigde begrippen, en geen creatieve, constructieve, integratieve discussies. Op die manier blijft de grootste potentialiteit van het internet, namelijk synergetisch concreet creatief denken over psychologie, sociologie. politiek, spiritualiteit en filosofie, nog steeds ver ondermaats, om niet te zeggen onbestaand.”

    Michel, wellicht wil je op deze plaats ingaan op de opmerkingen van Kris Roose?

    Posted in P2P politics, P2P theorie, p2p subjectivity, Bauwens, lezing, peer-to-peer | 2 Comments »

    Open Source: rivaal of handlanger?

    4th June 2007

    The succes of Open SourceMichel Bauwens publiceerde laatst een artikel op het Verbond van Belgische Ondernemingen. Het gaat over het boek ‘The Success of Open Source‘ van Steven Weber. Vanaf vandaag de primeur op de P2P blog.

    Een van de eerste zaken die we leren in onze klassen economie is dat het gaat om schaarse goederen die op een optimale wijze geproduceerd en gedistribueeerd moeten worden. Volgens economisten wordt die optimale wijze bepaald of door het marktmechanisme, met de prijs als indicatie van de wenselijkheid van het goed, hierbij geholpen door de onderneming als mechanisme om de coordinatie en transactie-kosten te drukken.

    Maar wat als schaarste vervangen wordt door een overvloed, wat als er hierdoor geen spanning meer is tussen vraag en aanbod. Hebben we dan nog een markt nodig, en de bijbehorende ondernemingsstructuur. Zowel de theorie als de praktijk suggereren dat het antwoord hierop inderdaad negatief is. De technologische ontwikkeling, en het materiele sukses van de kapitalistische economie, heeft de mogelijkheid gecreerd om immateriele goederen te produceren die gereproduceerd kunnen worden met een minimum aan transactie en coordinatiekosten, wat een kortsluiting veroorzaakt van het marktmechanisme en een nieuwe manier van produceren, beheren, en distribueren in het leven roept. Dat mechanisme is Open Source, en het razendsnelle sukses van die nieuwe methode is het thema van het boek van Steven Weber. Deze professor Politieke Wetenschappen heeft hierover een zeer belangrijk, vlot leesbaar, maar analytisch zeer rijk boek geschreven. Het is dus geen technisch boek voor programmeurs, maar een boek over de belangrijkste post-socialistische rivaal van het kapitalisme, een rivaal die nochtans heel belangrijk is voor het overleven van het economisch systeem, en waar spitsonderneming al gretig zelf gebruik van nemen.

    Webber’s boek is niet het eerste over dit thema, maar wel een aanrader. Het belangrijkste boek over ‘commons-oriented peer production’, de naam voor open source wanneer het zich verspreid buiten het gebied van software, is dat van Yochai Benkler, ‘The Wealth of Networks’, die op zeer specifieke wijze analyseert, gebaseerd op de transactiekosten theorie van Ronarld Coase, wanneer de nieuwe productiemethode efficienter is dan productie door een prive onderneming. Het is heel intens geschreven, leest niet altijd zo vlot, maar is na Adam Smith’s Wealth of Nations, een onmisbaar boek. Pekka Himanen’s Hacker Ethic beschrijft de verandering in werkcultuur, die de door Max Weber beschreven protestant-kapitalistische werkethiek onderuit haalt. Hij probeert op de vraag te beantwoorden: wat is de logica van de nieuwe ‘passionele productie’ die binnen open source gemeenschappen worden toegepast? Mackenzie Wark Hacker’s Manifesto doet een poging om de nieuwe klassestructuur uit te werken, en probeert aan te tonen dat zowel de eigenaars van communicatievectoren (Murdoch et al.) als de ‘cognitieve kapitalisten’ die leven van de rente van het intellectuele eigendom (Gates et al.), ondermijnd worden door open source. Meer praktisch georienteerde, en zeer vlot leesbare verhalen over de groei van de participatieve economie, en hoe bedrijven zich hier reeds aan aanpassen, vindt men bij Don Tapscott’s Wikinomics, en Charles Leadbeater’s We Think: the power of mass creativity.

    Het artikel staat in zijn geheel op onze wiki: Open Source: rivaal of handlanger?. Welke kies jij?

    Posted in P2P theorie, Bauwens, open-source, boek | 1 Comment »

    Interview Vasilis Kostakis, vraag 3

    16th May 2007

    Vandaag deel drie (zie ook vraag 1 en vraag 2) in de serie vragen van Vasilis aan Michel. Vasilis is inmiddels een blog gestart waar hij de voortgang van zijn onderzoek en thesis zal tonen. Zijn onderzoek gaat over “Laser theory and Peer-to-Peer: Redefinition of the Society in the Information Age”, zie ook de P2P wiki.

    Volgens Murray Bookchin, zijn de vier belangrijkste principes van traditionele Anarchie:

    • Een verbonden gemeenschap bestaande uit verschillende kleinere gedecentraliseerde gemeenschappen;
    • Een directe democratie en bestuur;
    • Een stabiele oppositie naar bureaucratie en corruptie (cratisisme) problemen;
    • Een vrije communistische samenleving.

    Gelooft u dat Peer-to-peer in zijn politieke betekenis meer gemeen heeft met traditionele anarchie, dan met communisme of kapitalisme, die beiden een centrale autoriteit nastreven?

    Murray BookchinAntwoord: Eerst een algemene opmerking. Gelijkheidsidealen zijn zowel eeuwigdurend als gebonden aan geschiedenis. Het idee achter iedereen behandelen als een gelijke (peer), is duidelijk gerelateerd aan andere en eerdere pogingen en formuleringen. Maar aan de andere kant is peer-to-peer iets nieuws.
    Allereerst, I beschouw Marxisme en anarchisme and expressies uit de geschiedenis vanuit het gelijkheidsideaal in het industriële tijdperk. Peer-to-peer is een van de uitingen van dit ideaal voor het “cognitieve tijdperk”.

    Mijn eigen bijdragen om een theorie van sociale verandering te formuleren, begon vanuit niets, omdat het nog niet geformuleerd was. Uiteraard start niemand geheel vanuit niets, maar wat ik bedoel is dat ik wilde beginnen vanuit observaties of werkelijke trends, en niet vanuit een ideaal zoals het zou moeten zien. Het is dus niet een abstracte utopie dat als doel heeft te beschrijven hoe het zou moeten zijn, met een ontwerp voor sociale verandering op grote schaal, maar eerder een ‘concrete utopie’, dat initiatieven beschrijft in verschillende aspecten van het leven, maar dat als doelstelling heeft om mensen met elkaar te verbinden zodat ze elkaar kunnen versterken en van elkaar kunnen leren.

    Marxisme en anarchisme zijn beiden vormen van paradigmatisch denken, ik zie de peer-to-peer theorie als een poging naar meta-paradigmatisch denken. Dit betekent dat je ideeën en praktijken neemt waar ze ook vandaan komen, zoals vanuit verschillende concurrerende paradigma’s, deze te integreren terwijl je bezig bent, zonder een a priori bias. Op deze manier kan peer-to-peer een gemeenschappelijke basis vinden tussen de idealen van sommigen die van vrijheid houden aan de ene kant maar ook van diegenen die van gelijkheid houden aan de andere kant. Ik heb geen a priori houvast vanuit liberale of Christelijke tradities of wat dan ook.

    Marxisme en anarchisme zijn ook sterk tegengesteld. Dit komt deels door het historische overwicht van kapitalisme, en hun behoefte om een alternatief te formuleren. Maar vandaag weten we dat kapitalisme, als een systeem van oneindige groei binnen een eindige omgeving, op zijn einde loopt. Veel spelers in het systeem weten en realiseren dit, en vandaar zien we pogingen om sociale praktijken binnen of buiten het systeem te creëren of te veranderen, als zo’n systeem überhaupt bestaat. Peer-to-peer theorie stelt simpelweg dat er strijdige, wereld-constructieve en hervormings dan wel revolutionaire nieuwe praktijken, zowel strijdig als niet-strijdig, en het is vanuit zichzelf pluralistisch. Het geeft toe dat niemand precies weet hoe de wereld gaat veranderen, maar dat diegene die het eens zijn over het doel, op zijn minst ervaringen kunnen delen. Nog belangrijker, peer-to-peer is niet de ‘oplossing’ voor iets, maar juist een verzameling sociale processen die beter zijn om oplossingen te vinden in verschillende domeinen.

    De meeste vormen van Marxisme en anarchisme zijn sterk tegengesteld aan de markt. We weten nu dat we het idee kunnen scheiden van de markt vanuit de praktijk van kapitalisme, en dat we kunnen gaan voor een stabiele staat economie (we plaatsen terug wat we uit het systeem/aarde halen), en dat een markt voor schaarse fysieke goederen kan bestaan naast andere manieren van produceren, zoals peer-to-peer productie van immateriële goederen en sociale innovatie. Peer-to-peer is niet anti-kapitalistisch, maar post-kapitalistisch.

    Anarchisme kiest ervoor om zijn vijandigheid te focussen op de staat, en mijn eigen conceptie van peer-to-peer deelt deze a priori vijandigheid jegens de staat niet. Het gelooft dat zowel de markt als de staat zich kunnen evolueren door peer arbitrage/beoordeling.

    Peer-to-peer deelt zeker niet een exclusieve oriëntatie naar de staat, en oplossingen voor de staat, zoals duidelijk gemaakt door de gemiddelde socialistische en Marxistische tradities. Maar starten vanuit wat er nu bestaat, kan het natuurlijk een staatvorm prefereren welke herdistribueert van de rijken naar de armen (sociale zekerheid), van een systeem welke herdistribueert van de armen naar de rijken (neoliberale staat). Maar het is meer gefocust op het gebruiken van de staatvorm om de directe sociale productie van waarde mogelijk te maken en te ondersteunen, te ‘empoweren’, en op de staat te transformeren door systematisch ‘multi-stakeholderschap’ van bestuur (governance) te introduceren, inclusief een ieder die betrokken is bij beslissingen; en het ziet vele mogelijkheden voor het samen creëren van beleid tussen burgers en de staat, terwijl het ook voorspelt dat de staat geleidelijk zijn centrale positie kwijtraakt, omdat steeds meer menselijke gemeenschappen (communities) direct kiezen via peer governance.

    Ik ben geïnteresseerd in het herformuleren van tradities, zowel premodern als modern, zodat ze passen binnen het cognitieve tijdperk; en zolang ze tot doel hebben om de waardigheid van het menselijke bestaan te versterken, en het mogelijk maken van authentieke peer-to-peer dynamieken, kunnen ze omarmd worden en uitgebreid in een integratief peer-to-peer theorie.

    Concluderend: het is duidelijk dat peer-to-peer een aantal idealen nastreeft, zoals uitgedrukt door Murray Bookchin, maar ik hoop dat de lezer al de verschillende ruimten waar de theorie vandaan komt kan waarderen.

    Posted in P2P politics, P2P theorie, p2p cultuur, UvA, Bauwens, laser theorie, Kostakis, Bookchin | No Comments »

    Interview Vasilis Kostakis, vraag 2

    12th May 2007

    VraagEerder heb ik de eerste vraag van Vasilis Kostakis die hij aan Michel Bauwens stelde geplaatst, gevolgd door het antwoord van Michel. Vandaag vraag twee van de serie vragen. UvA student economie en bedrijfskunde Vasilis Kostakis, en ook een lid van de P2P Foundation, schrijft zijn thesis over “Laser theory and Peer-to-Peer: Redefinition of the Society in the Information Age”. Het onderzoek is een combinatie van Vasilis over Laser Theorie en de P2P theorie van Michel Bauwens.

    Vraag 2: Wat is de betekenis van het woord “dictatuur” in uw uitdrukking “…Peer projecten worden soms welwillende dictaturen genoemd…”? (afgeleid van “De politieke economy van peer productie”, gevonden op http://www.ctheory.net/articles.aspx?id=499)

    Antwoord: Als je peer productie definieert als deze soort van sociale productie wat is gebaseerd op vrije betrokkenheid, deelnemen aan besturingsprocessen, en gedistribueerde uitkomsten in een gezamenlijk (commons) formaat, dan is het duidelijk dat de leiderschapsfunctie nogal veranderd. Een vorm van macht ligt in het protocol of het ontwerp van het samenwerkingsproces, de ‘niet zichtbare architecturen’ die bepaalde manieren van sociaal gedrag stimuleren of omvatten. Bijvoorbeeld, YouTube staat alleen het delen van de gehele video toe, maar niet remixen. Een andere vorm van macht is reputatie, wat afhangt van individuen eigen verdienste, zijn rol in de groep, en de rol van het project in de samenleving. Peer governance is niet hiërarchisch of gecentraliseerd, en ook niet gedecentraliseerd of democratisch, maar is juist gebaseerd op directie participatie en samen beslissingen maken in kleine groepen, waar peer productie functioneert als een globale coördinatie van kleine teams. Elk team dat klein genoeg is om te werken op basis van consensus. Het is niet democratisch in de formele ‘representatieve’ zin, omdat er geen onderhandeling plaats vind tussen vertegenwoordigers van groepen, die moeten beslissen over schaarse middelen, maar de vrije gedistribueerde productie wordt samengebracht door gedistribueerde gemeenschappelijke bevestiging. Het belangrijkste is echter, beginnende vanaf een context van overschot dan wel distributie, peer productie en peer bestuur (governance) is een manier om elke soort van obstakels te vermijden. Het is ontworpen op permanent experimenteren toe te staan, en dat pas te beoordelen nadat ze zijn geproduceerd.

    Voorheen schreef ik over hoe de p2p dynamiek instituties omver werpt, maar nu zou ik het anders zeggen. Elke sociale manier van produceren, zeker nieuwe manieren, moeten zichzelf reproduceren, en hiervoor hebben ze inderdaad institutionele structuren nodig. Bijvoorbeeld, in termen van peer productie zouden ze 1) collectieve keuze systemen moeten gebruiken die zijn gebaseerd op objectieve algoritmen (denk aan Google ‘doublepage ranking’) of gemeenschappelijk bevestigde beoordelingssystemen, die tot doel hebben om de samenstelling van vaste elite groepen te voorkomen; 2) ze vormen, uiteindelijk, processen om conflicten op te lossen (denk aan de steeds uitbreidende regels binnen Wikipedia), en 3) legale innovaties als GPL (General Public License) en CC (Creative Commons) licenties, die het gemeenschappelijke beschermen tegen private toe-eigening; 4) verschillende maatregelen tegen kaping; en 5) uiteindelijk, een institutioneel raamwerk om de technologische infrastructuur te beschermen (meestal non-profit instellingen als Mozilla, Apache en anderen); 6) ze mogen een gesteunde ecologie accepteren van ofwel het bedrijfsleven als de staat, zolang als ze zich niet bemoeien met de dynamiek van de gemeenschap.

    Sommige structuren kunnen natuurlijk volledig ad hoc zijn, maar omdat ze niet hun sociale reproductie veiligstellen, zullen deze echt ad hoc zijn, op de korte termijn zijn het slechts individuen die samenwerken of delen voor een korte periode.

    Nu kom ik terug op het punt van leiderschap. Omdat er geen hiërarchie is om middelen toe te wijzen, geen democratische onderhandeling, wat de rol is van ‘leiders’. Het mes snijdt aan twee kanten, de ene kant is a priori en op uitnodiging. Ze moeten op de eerste plaats de mogelijkheid hebben om een visie neer te zetten dat ‘peers’ aantrekt om te produceren. Denk aan Stallman die zegt dat we gratis software nodig hebben, Torvalds die zegt dat we een alternatief besturingssysteem nodig hebben, Wales en Sanger die zeggen dat we een universele encyclopedie nodig hebben. Maar de rol van hen is er ook een van beoordeling, dat wil zeggen de a posteriori rol van een beoordelaar wanneer er onoplosbare conflicten bestaan. Als de teams het niet eens zijn welke richting op moet worden gegaan na een aantal tussenstappen, dan wordt het conflict doorgestuurd naar de ‘welwillende dictator’.

    Dit is een pragmatische oplossing, maar ook een slecht gekozen term omdat bij peer productie de leider onafhankelijk is van de producerende peers, en zijn beoordeling is alleen daar vanwege het vertrouwen van de gemeenschap. Dus in feite is het iets geheel anders dan een ‘dictatorschap’. Er is altijd een gevaar van informale processen, namelijk van niet zichtbare persoonlijke overheersing, waardoor de complexe projecten uiteindelijk kiezen voor meer formele, en soms ‘democratische’ (in termen van stemmen en representatie) procedures.

    Posted in P2P theorie, p2p commons, UvA, Bauwens, laser theorie, Kostakis | 1 Comment »

    Interview Vasilis Kostakis, vraag 1

    8th May 2007

    Deze post is een eerste in een reeks waarvan ik de lengte nog niet weet, waarschijnlijk vijf. UvA student economie en bedrijfskunde Vasilis Kostakis, en ook een lid van de P2P Foundation, schrijft zijn thesis over “Laser theory and Peer-to-Peer: Redefinition of the Society in the Information Age”. Het onderzoek is een combinatie van Vasilis over Laser Theorie en de P2P theorie van Michel Bauwens. Hierbij zijn eerste vraag van hem aan Michel:

    Vraag 1: Keynes stelt dat de ideeën van economen en politieke filosofen, als ze gelijk hebben of niet, krachtiger zijn dan algemeen aangenomen. De wereld wordt inderdaad geregeerd door weinig anders. Aan de andere kant stelt Galbraith dat ideeën pas krachtig zijn in een statische wereld, omdat ze eigenlijk conservatief zijn. Deze stellingen zijn al minimaal 45 jaar oud.

    Antwoord: Ik neig naar de kant van Keynes. Het gaat volgens mij om de ideeën, omdat we wezens met bedoelingen zijn, en onze bedoelingen hebben een grote invloed op de wereld. Maar zoals Keynes het bedoeld, zijn het niet alleen die ideeën die de wereld regeren, maar die ideeën die het beste passen binnen de interesses van de mensen met macht, terwijl deze ideeën vaak niet juist zijn. Zulke informatie is waardeloos, omdat de meeste mensen het niet kan schelen of niet willen weten wat hun levensstijlen en positie in de wereld zou uitdagen. Maar dat betekent niet dat die mensen met ideeën die ontstaan van beter inzicht minder waard zijn. Steeds weer, bij de tijdelijk juiste keuze, wanneer in overeenstemming met diepere veranderingen in ontologie (manieren om te zijn), epistemologie (manieren om het te weten) en axiologie (waardeconstellaties), hebben ideeën getoond dat zij de wereld heftig kunnen veranderen en vormen. Nu is er opnieuw een dergelijke tijd en het peer paradigma is de constellatie van dergelijke ideeën die de wereld echt kunnen veranderen.

    Vasilis, bedankt voor het beschikbaar stellen van deze eerste vraag. Binnenkort vraag 2 van dit interview.

    Posted in P2P theorie, p2p subjectivity, UvA, Bauwens, laser theorie, Kostakis | 4 Comments »

    Fundamenten, door Jaap van Till

    12th April 2007

    TelecommagazineDeze bijdrage is eerder verschenen in het tijdschrift Telecommagazine (Array Publications), en is beschikbaar gesteld voor deze blog. Auteur: Jaap van Till.

    Heel mooi dat het maandblad Time U (You) als ‘2006 Person of the Year’ heeft uitgeroepen. Immers U bestuurt ‘the Information Age’. De mensen hebben zelf de leiding genomen over de media. Met ‘user-generated content’ zoals in Second Life, blogs en zelfgemaakte filmpjes verstuurd naar YouTube via Internet kunnen individuele amateurs persoonlijk hun uur van faam bereiken op de grote nieuwskanalen. Iets wat vroeger alleen de professionele journalisten en cameraploegen was gegeven. Keten-omkering dus van consumenten naar broadcasters. En eigenlijk zouden Hurly, Karim en Chen, die YouTube twee jaar geleden hebben gestart, die personen van het jaar moeten zijn, maar Time heeft duidelijk ingezien dat wij, het publiek in feite het eigenlijke werk doet via Internet.

    Wat volgens mij nog veel fundamenteler is voor het enorme sociaal-economische & politieke effect wat Internet krijgt, is dat de klanten niet alleen ‘upstreamen’ maar ook direct onderling peer-to-peer (P2P) dingen gaan doen en organiseren. Let wel de leden van de online communities doen dit meestal zonder de intermediairs van vroeger nodig te hebben. En het gaat al lang niet meer alleen om het produceren van content of het krijgen van massa-mediale aandacht. Dat is even schrikken voor de media industrie. De schattingen lopen uiteen maar de helft tot twee-derde van het dataverkeer via de netwerken van netwerken die Internet vormen is al P2P dataverkeer.En het video-streaming en uitwisselingsdeel daarvan groeit gestaag. Hoog tijd dus volgens mij om in onze communicatie-sector eens goed te bekijken wat dat P2P gedoe is en wat het aandrijft.

    Een belangrijk misverstand is dat P2P alleen het uitwisselen & delen van muziek/film opnames tussen peers (gelijken qua belangstelling) is, oftewel (illegaal) leasen van infobestanden die beschermd zijn met auteursrechten. Dat is al lang niet meer het enige wat mensen onderling scharen (nieuw woord). Telecommunicatie was en is P2P. Wetenschappers hebben nooit anders gedaan dan elkaar waarnemingen en inzichten toesturen. Maar via internet neemt het elkaar deelgenoot maken en long-tail aanbevelen nu een ongekende omvang aan. Bijvoorbeeld de Wikipedia groeit met een verdubbelingstijd in aantal artikelen en deelnemers W( Wikipedia artikelen, mensen) = 9 – 12 maanden. In het Nederlands zijn er nu 250.000 artikelen, in het Duits 500.000 en in het Engels 1,5 miljoen. Waarom doen mensen dit vrijwillig het schrijven van Wikipedia-artikelen of Open Source software voor anderen? Wat worden ze daar nou wijzer van? Direct in geld uitgedrukt niet veel. Om geld, media aandacht en macht (top aandrijvers van het gangbare maatschappelijke paradigma) gaat het blijkbaar niet. Mijn vriend Michel Bauwens, aanjager van de p2pfoundation, geeft in zijn beroemde essay over de P2P beweging als definitie:

    “Peer to peer is the emergence, or expansion, of a specific type of relational dynamic. It’s a form of human network-based organisation which rests upon the free participation of equipotent partners, engaged in the production of common resources, without recourse to monetary compensation as key motivating factor, and not organized according to hierarchical methods of command and control.”

    Dit plaatst het P2P paradigma in een veel bredere maatschappelijke context dan de media of ICT zelf. Mijn jongste dochter vertelde mij dat ze heel duidelijk een verdeling ziet tussen mensen die a. selfcentered zijn en denken dat ze kennis voor zichzelf moeten houden, en b. mensen die bijna automatisch in teams hun kennis en probleem-oplossendvermogen P2P scharen met anderen. ‘To share or not to share’ dat lijkt het verschil te maken. Ik denk dat het echte fundament waarom mensen scharen gelegen is in nieuwsgierigheid en de satisfactie om problemen te helpen oplossen. Om dat te kunnen doen is het vereist om je te kunnen verplaatsen in de mentale positie van de ander. Om te vragen “wat kan ik voor je doen” zoals in de Graal-legende. Of misschien nog beter: “vertel me wat jij ziet vanuit jouw invalshoek/positie/ervaring”.

    Die skills/waarnemingen van velen via het netwerk samenvoegen (in plaats van uit elkaar halen van mechaniekjes) maakt elke deelnemer zelf ook sterker en beter geïnformeerd. Daar is niks softs 70iger jaren aan. Het werkt als open lerend systeem domweg beter. Kennis en kunde zijn niet schaars, hulpbronnen en materialen uit de natuur zijn wel schaars. De P2P beweging poogt het huidige media-industriële sprookje dat het andersom is te ontkrachten en om de civil-society als derde pool naast overheid en markt haar correcte plaats en functie te hergeven. En het doet bits stromen.

    Jaap van Till.

    Posted in P2P theorie, p2p cultuur | No Comments »

    Verslag college Michel Bauwens UvA, 10 april 2007

    12th April 2007

    Logo uvaEerder deze week heb ik met een viertal oud studiegenoten een gastcollege van Michel Bauwens mogen bijwonen. Het is inmiddels de derde keer dat ik Michel zijn verhaal heb zien en horen vertellen, elke keer weer interessant.

    De hoofdpunten uit het college:

    • Introductie P2P;
    • Complexiteit en hiërarchie;
    • Web 2.0 en P2P;
    • P2P processen;
    • P2P en de markt;
    • P2P en politiek;

    Michel vertelde over de karakteristieken van peer-to-peer, en waarom peer-to-peer zo levensvatbaar is. Peer-to-peer is een relationele dynamiek, aanwezig in gedistribueerde netwerken. Steeds meer vertrouwen ‘peers’ op gelijkwaardige peers. Over het woord peer werd nog een goede vraag gesteld, wat is een goede vertaling van dit woord? Michel moest het antwoord schuldig blijven, het woord ‘gelijke’ komt nog het meest in de buurt maar dekte toch niet geheel de lading.

    De geschiedenis laat zien dat relaties tussen peers steeds complexer worden. Waar vroeger iedereen ondergeschikt was aan een leider, zijn relaties gaandeweg verder geëvolueerd. Via vroege beschavingen, de industriële revolutie, is er nu sprake van een ‘networked’ samenleving. Deze samenleving wordt mogelijk gemaakt door technische middelen als het Internet. Michel illustreerde nog een evolutie van hiërarchie: in het pre-moderne tijdperk gold ‘make die, and let live’, tot een reputatie samenleving in het P2P tijdperk.

    Het Internet evolueert ook steeds meer, nu spreekt men van ‘Web 2.0’, het Internet is een interactieve plaats geworden waar iedereen als gelijke kan participeren en produceren. De bekendste en succesvolste voorbeelden zijn Wikipedia en Linux. Web 2.0 maakt het principe ‘wisdom of crowds’ mogelijk. Daarnaast baseren Web 2.0 business modellen zich op de ‘attention economy’ (economie van de aandacht), wat de aandacht van mensen als een schaarste beschouwd door de snelle groei van informatie.

    Uiteraard kan het verhaal van de drie sociale P2P processen niet ontbreken. Peer productie, peer governance en peer property, zie ook de introducerende post. De karakteristieken van peer productie zijn gelijkwaardigheid, ‘anti-creditialism’ en zelf selectie. Iedereen kan meewerken aan een project zonder a priori beoordeeld te worden op de bijdrage, maar waarin met op basis van zelf selectie kan bijdragen. Ook kunnen de peers weten wat de doelstellingen van een project zijn, en kunnen tegelijkertijd weten wat andere peers aan het doen zijn. Peer governance kan gezien worden als een gedistribueerde manier van controleren, en peer property als een common eigendom. Onderstaande tabel geeft dit goed weer, concluderend kan P2P gezien worden als een derde manier van produceren, controleren en eigendom.

    P2P kan niet gezien worden als een vervanging van de huidige markt economie. P2P is sterk afhankelijk van de markt, maar tegelijkertijd is de markt ook afhankelijk van peer productie en sociale innovatie. Een goed voorbeeld is Linux en IBM, want IBM investeert sterk in de ontwikkeling van Linux. Zie ook onthecommons.org. De kern van de deze peer-to-peer processen is dat doelen en eigendom gelijk zijn, wat is gebaseerd op lidmaatschap en bijdragen.

    Het laatste thema van het college was politiek. Als voorbeeld werden de dilemma’s van ‘Web 2.0’ gebruikt: Wie is eigenaar van het platform? Is de infrastructuur gratis? Is het mogelijk om te delen? Wie is eigenaar van de content? Wat wordt er gedaan met inkomsten? Het laatste dilemma werd geïllustreerd met de inkomsten die door het gebruik van Firefox worden gegenereerd, want het uitbetalen aan mensen die bijdragen ondermijnt het P2P en commons principe. Een ander politiek vraagstuk is wat er gedaan moet worden met bestaande politieke modellen als copyrights. Moet je deze gewoon negeren, moet je alternatieve manieren gebruiken als Crerative Commons of GPL, of moet je de bestaande wetgeving aanpassen?

    Het college was voor mij en de mensen die ik heb gesproken opnieuw erg inspirerend, en ik hoop ook voor alle anderen. Iedereen die geïnteresseerd is geraakt, is dan ook van harte welkom om bij te dragen aan deze blog of de wiki.

    Posted in P2P politics, P2P theorie, p2p commons, UvA, Bauwens | 4 Comments »

    Podcast: Michel Bauwens praat met Carool Kersten in Chiang Mai

    2nd April 2007

    Mede mogelijk gemaakt door Shambles

    Listen Now:


    icon for podpress  Standard Podcast: Play Now | Play in Popup | Download

    Posted in P2P theorie, podcast | No Comments »